ECLI:NL:PHR:2020:308
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herziening veroordelingen snelheidsovertredingen wegens onjuiste bestuurderaanduiding
Aanvrager is bij verstek veroordeeld voor twee snelheidsovertredingen gepleegd op 26 april 2013 en 27 oktober 2013. De veroordelingen betroffen geldboetes, hechtenis en ontzegging van de rijbevoegdheid.
De aanvraag tot herziening is gebaseerd op het betwisten van de handtekeningen op de antwoordformulieren aan het CJIB, die niet van aanvrager zouden zijn, en op een schriftelijke verklaring van drie getuigen dat aanvrager zich gedurende de periode van de overtredingen in Spanje bevond. Deze nieuwe gegevens waren bij het oorspronkelijke onderzoek niet bekend.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad concludeert dat deze gegevens, in samenhang met de eerdere bewijzen, niet verenigbaar zijn met de eerdere uitspraken. Daarom verklaart de Hoge Raad de aanvraag gegrond en verwijst de zaak terug naar het hof Den Haag voor een nieuwe berechting.
Daarnaast is vermeld dat de tenuitvoerlegging van het vonnis van de rechtbank Den Haag tijdelijk is opgeschort en dat gratie is verleend in één van de zaken. De herziening betreft uitsluitend de snelheidsovertredingen die elektronisch langs kenteken zijn vastgesteld.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond en verwijst de zaak naar het hof voor hernieuwde berechting.