Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
medeplegen van poging tot zware mishandeling” en 3. “
medeplegen van opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen” veroordeeld tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van zestig uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door dertig dagen jeugddetentie. Het hof heeft beslissingen genomen over de vorderingen van benadeelde partijen. Bovendien heeft het hof de verdachte vrijgesproken van het onder 1 ten laste gelegde.
[betrokkene 1] heeft verklaard dat hij op 1 december 2018 samen met [betrokkene 2] (de rechtbank begrijpt: [betrokkene 2] ) en [verdachte] (de rechtbank begrijpt: verdachte) auto’s in brand heeft gestoken. Zij zijn de hele avond samen geweest. Zij staken de auto’s in brand door een aanmaakblokje in de grille te stoppen en dat aanmaakblokje aan te steken. Een van hen stond op de uitkijk, de ander stopte het aanmaakblokje in de grille en de derde stak het aanmaakblokje aan. Zij wisselden dat af en spraken per auto af wie wat zou doen.”
[verdachte]”) op de terechtzitting van 12 april 2019 had verklaard dat hij op 1 december 2018 de avond met [betrokkene 2] en [betrokkene 1] had doorgebracht.
Op 1 december 2018 heb ik samen met [betrokkene 2] en [verdachte] auto's in brand gestoken. We waren de hele avond samen. Op het moment dat de laatste auto, de Alfa Romeo, in brand werd gestoken was ik er niet meer bij. Ik was toen al naar huis. Ik denk dat [verdachte] ook niet meer aanwezig was toen die auto in brand werd gestoken. [betrokkene 2] appte mij dat ze de politie geen rust wilde geven en nog een auto in brand wilde steken. Ik heb haar toen mijn aanmaakblokjes gegeven. Wij staken de auto's in brand door een aanmaakblokje in de grille te stoppen en dat aanmaakblokje aan te steken. Bij de auto's die [betrokkene 2] en ik samen in brand hebben gestoken, stopte een van ons het aanmaakblokje in de grille. De ander, die op de uitkijk stond, stak daarna het aanmaakblokje aan. Bij de auto's die [betrokkene 2] , [verdachte] en ik hebben aangestoken, stond een van ons op de uitkijk, stopte de ander het aanmaakblokje in de grille en stak de derde het aanmaakblokje aan. We wisselden dat af en spraken per auto af wie wat zou doen."
De advocaat-generaal heeft aangevoerd dat er voldoende wettig en overtuigend bewijs voorhanden is om te komen tot een bewezenverklaring ten aanzien van feit 1 met uitzondering ten aanzien van de volgende auto’s: een Alfa Romeo met kenteken [kenteken 1] , een Opel met kenteken [kenteken 2] , een Seat met kenteken [kenteken 3] en een Daihatsu met kenteken [kenteken 4] .