ECLI:NL:PHR:2021:189
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens niet-indienen middelen van cassatie
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft bij arrest vastgesteld dat de betrokkene een wederrechtelijk voordeel van €353.656,00 heeft verkregen en heeft hem verplicht dit bedrag aan de staat te betalen. De zaak hangt samen met meerdere andere straf- en ontnemingszaken tegen de betrokkene en medeverdachten.
De betrokkene heeft cassatieberoep ingesteld, maar heeft niet binnen de wettelijke termijn schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend bij de Hoge Raad. Hierdoor kan hij niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen op grond van artikel 437 lid 2 Sv Pro.
De procureur-generaal concludeert daarom dat de betrokkene niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn cassatieberoep. Dit besluit betreft een procedurele afwijzing zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens het niet tijdig indienen van middelen van cassatie.