Functie zoals die tot voor de wijziging werd uitgeoefend: stat. directeur & bestuurslid, penningmeester & secretaris.
Datum waarop de functionaris uit functie is getreden: 1 dec. 2006
4. Een geschrift, zijnde de notulen van de bestuursvergadering van [benadeelde] van 19 januari 2005 (pag. 60325-60328).
Dit geschrift houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Het budget zoals opgesteld door [verdachte] (het hof begrijpt: [verdachte] , de verdachte) wordt goedgekeurd. Vanuit de gedachte dat dit het budget 2005 is. [verdachte] heeft er geen enkel probleem mee dat het volledig openbaar is, ook zijn salaris van € 5.000 bruto. [betrokkene 1] (het hof begrijpt: [betrokkene 1] ) is hier mee volledig akkoord evenals [betrokkene 2] (het hof begrijpt: [betrokkene 2] ).
Met algemene stemmen wordt aangenomen dat de arbeidsovereenkomst en de directieovereenkomst vanaf 1 januari 2005 voor [verdachte] een aanvang zal nemen. Het contract en de directieovereenkomst dienen nog door [verdachte] ondertekend te worden.
5. Een geschrift, zijnde een actielijst voor de bestuursvergadering van [benadeelde] van 6 april 2005 (pag. 60331-60334), bijlagen bij een e-mailbericht van 4 april 2005 (pag. 60329).
Dit geschrift houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Actielijst
Arbeidsovereenkomst + directieovereenkomst [betrokkene 1] (Het hof begrijpt: [betrokkene 1] )
Ondertekenen [verdachte] (het hof begrijpt: [verdachte] )
Goede kaartjes voor [betrokkene 2] + [betrokkene 1] met goede titulatuur erop dat er geen verwarringen optreden bij uitdelen. Altijd op ieders kaartje vermelden: [verdachte] , directeur.
6. Een geschrift, zijnde een emailbericht van [betrokkene 1] aan de verdachte van 23 mei 2005 (pag. 60335-60336).
Dit geschrift houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Wij hebben 3 mei jI. een bestuursvergadering gehad en het merendeel van de punten was daar nog niet gedaan. Gezien het feit dat alle punten administratieve verantwoording met zich meedragen, zou jij zorgdragen dat dit nu echt afgerond zou worden in week 19. In de wetenschap dat ik de maand juni in het buitenland ben verwacht ik dat we de eerste week van juli alles vanaf het ontstaan van [benadeelde] zoals weergegeven in de notulen van januari volledig afgerond zijn inclusief contract, arbeid en directieovereenkomst van jezelf en ga zo maar door! !
7. Een geschrift, zijnde een e-mailbericht van de verdachte van 5 juni 2007 21:18 uur (pag. 90036).
Dit geschrift houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Dan een laatste opmerking over mijn persoonlijke opnames. Vanaf het moment dat ik begon met [benadeelde] heb ik duidelijk gemaakt niet zonder salaris te kunnen werken.
Het is toen ook afgesproken dat ik een salaris van € 5.000 per maand zou ontvangen. Ik heb door de financiële situatie van [benadeelde] dit niet willen doen en mezelf daardoor tekort gedaan. Ik was echter wel genoodzaakt soms voorschotten te nemen, die verrekend zouden worden met het bedrag dat ik tegoed had van de organisatie.
8. Een proces-verbaal van 7 april 2015, opgemaakt door mr. A.C. Schaafsma, rechter-commissaris belast met de behandeling van strafzaken in de rechtbank Amsterdam [ongenummerde pagina’s]
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 7 april 2015 tegenover de rechter-commissaris afgelegde verklaring van getuige [betrokkene 1] :
Ik kan mij de eerste vergadering nog herinneren. Toen is inderdaad de begroting besproken. U vraagt mij of die toen ook is vastgesteld. Nee, dat kon niet. Een van de heikele punten was het salaris van [verdachte] en wanneer dat dan zou moeten ingaan. U vraagt mij of wij het eens zijn geworden. Er staat volgens mij in de notulen een bedrag, maar dat kon pas geeffectueerd worden als er voldoende financiën waren. Daarnaast moest er een arbeidscontract en een directiecontract komen. U houdt mij voor dat uit de notulen op pagina 60326 blijkt dat de arbeidsovereenkomst en de directieovereenkomst vanaf 1 januari 2005 voor [verdachte] een aanvang zouden nemen, terwijl ik vandaag zeg dat dat pas zou aanvangen als er voldoende financiële middelen zouden zijn. Het was wel degelijk de bedoeling dat dat contract pas zou ingaan als er voldoende financiën waren.
Ik weet niet waarom dit niet in de notulen staat.
Ik weet dat er een arbeidsovereenkomst en directieovereenkomst moest komen. Die had ik overigens nog niet getekend omdat er onvoldoende financiële middelen waren. U vraagt mij of op de volgende vergadering nog is teruggekomen op de mogelijkheid van een arbeidsovereenkomst en salaris voor [verdachte] . Nee. U vraagt mij of [verdachte] daar ooit nog op is teruggekomen. Ja, jarenlang, het is altijd aanwezig geweest. Het klopt dat in de eerste instantie was afgesproken dat hij niet betaald zou worden. Hij wenste toch wel een salaris zodra dat mogelijk was. Hij wilde vastgelegd hebben dat als er middelen waren hij dan toch salaris zou kunnen krijgen.
9. Een proces-verbaal van 7 april 2015, opgemaakt door mr. A.C. Schaafsma, rechter-commissaris belast met de behandeling van strafzaken in de rechtbank Amsterdam [ongenummerde pagina’s]
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 7 april 2015 tegenover de rechter-commissaris afgelegde verklaring van getuige [getuige 1] :
Ik wist inderdaad dat [verdachte] geen salaris kreeg. U vraagt mij of ik dat nog wel eens met hem heb besproken. Ja, regelmatig. Ik vond dat onverstandig. U vraagt mij of ik weet hoe hij zijn onkosten vergoed kreeg. Ik weet dat hij mij verteld heeft dat hij zijn onkosten kon declareren en om-niet werkte.
U vraagt mij of ik weet waar hij destijds van leefde. Dat vroeg ik mij ook af.
10. Een proces-verbaal van 30 maart 2015, opgemaakt door mr. A.C. Schaafsma, rechter-commissaris belast met de behandeling van strafzaken in de rechtbank Amsterdam [ongenummerde pagina’s].
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 30 maart 2015 tegenover de rechter-commissaris afgelegde verklaring van getuige [getuige 2] :
Ik was via een kennis in contact gekomen met [verdachte] . Hij vroeg of ik de boekhouding wilde doen (het hof begrijpt: van [benadeelde] ) en zei dat het voor een goed doel was. Ze konden een heleboel vragen van mij niet beantwoorden. Ik bedoel met ‘ze’ in eerste instantie [verdachte] . [verdachte] en ik hebben veel afspraken gemaakt die hij niet nakwam.
was één tot anderhalf jaar mijn aanspreekpunt binnen [benadeelde] . Ik weet dat er een bespreking was met [betrokkene 1] en [verdachte] , waarin ze mij zeiden dat ze de situatie van [verdachte] wilden veranderen, namelijk dat hij directeur zou worden en salaris zou krijgen. Het voorstel was om uitgaven die [verdachte] niet kon verantwoorden met terugwerkende kracht met zijn salaris te verrekenen. Ik vond dat niet leuk en heb ook gezegd dat dat wettelijk niet kon. Ik heb toen gezegd dat ze maar een andere boekhouder moesten zoeken. U vraagt mij hoe ik mijn vragen stelde. Per mail, per brief en ook telefonisch. Ik gaf aan welke bankafschriften ik bijvoorbeeld miste of welke uitgaven of inkomsten onduidelijk waren. Ik gaf aan van welke kasstukken de nota’s ontbraken, zodat we niet konden nagaan waar de uitgaven voor waren. Ook zagen we dat er geld werd opgenomen, dat moesten ze dan wel verantwoorden in de kas van [benadeelde] , maar dat deden ze niet.
Ik had wel met [verdachte] gesproken over zijn onkosten. [verdachte] zei tegen mij dat hij kosten maakte voor de stichting. Ik zei tegen hem dat hij dat dan moest declareren aan de hand van bonnen. Hij zei dan welja, maar deed het vervolgens niet. Er waren soms wel bonnen, maar dan wisten we niet waarvoor dat was. U zegt mij dat [verdachte] heeft gezegd dat de door hem verrichte betalingen eigenlijk een voorschot op zijn salaris waren. Dat wist ik niet. Volgens mij had hij geen salaris.
11. Een proces-verbaal van 15 mei 2018, opgemaakt door mr. J.W.H.G. Loyson, raadsheer- commissaris belast met de behandeling van strafzaken in het gerechtshof Amsterdam [ongenummerde pagina’s].
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 15 mei 2018 tegenover de raadsheer-commissaris afgelegde verklaring van getuige [getuige 3] :
Ik heb vanaf maart 2005 tot juni 2006 voor [benadeelde] gewerkt, eerst als vrijwilliger en toen in dienstverband. Dat was schriftelijk vastgelegd. Ik kreeg een salaris in de tijd van mijn dienstverband. Ik werd uitvoerend betrokken bij de dagelijkse gang van zaken. Ik heb de administratie opgezet voordat die naar de accountant toeging. Ik heb het vanuit en schoenendoos tot een ordner gebracht. Toen ik daar kwam werken was de administratie chaotisch. Er was niet altijd een aansluiting te maken tussen de uitgaven die werden gedaan en de onderliggende posten. De administratie werd toen overgedragen aan [getuige 2] . Hij wendde zich tot ons als er nota’s of ontvangstbewijzen van betaling ontbraken. Hij vroeg dit aan [verdachte] , maar werd niet altijd adequaat door [verdachte] geïnformeerd over hetgeen hij nodig had. Dat hoorde ik van [getuige 2] . Ik kon hem die informatie ook niet geven, omdat het informatie was die van [verdachte] moest komen. Ik kreeg de informatie ook niet altijd van [verdachte] . Enerzijds ging die informatie over ontbrekende bonnetjes en anderzijds de ontbrekende verantwoording van uitgaven. Het kwam wekelijks voor dat [verdachte] privé uitgaven deed van de zakelijke rekening van [benadeelde] . De omvang varieerde van benzinebonnetjes, boodschappen tot volgens mij vliegtickets. Er vonden ook pinopnames plaats waarvan ik niet wist wat daar de bestemming van was. Maandelijks nam ik met [verdachte] de bankafschriften van de zakelijke rekening van [benadeelde] door. Ik stelde hem dan vragen over bepaalde uitgaves die ik niet begreep. Dan kreeg ik een verhaal. Ik heb daar nooit een schriftelijke onderbouwing van gekregen. Ik had steeds bij meerdere uitgaven vragen. Ik heb hem daar zeker naar gevraagd. Ik heb daar niet altijd een exact antwoord op gekregen. Toentertijd ontving [verdachte] geen vast salaris. Dat was overeengekomen met het bestuur. Dat heb ik van hem gehoord.
12. Een proces-verbaal van verhoor verdachte met nummer 2009151018 van 30 oktober 2012, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 1] en [verbalisant 2] (pag. 60008-60019).
Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verdachte, zakelijk weergegeven:
De oprichtingsakte van [benadeelde] is opgesteld in opdracht van [betrokkene 2] , [betrokkene 1] en mij. [betrokkene 2] zou ook in het bestuur plaatsnemen. Dat is later niet doorgegaan. Hij is op de eerste bestuursvergadering geweest.
[benadeelde] had drie bankrekeningen, twee rekeningen bij de ING en een bij de Postbank. Ik vermoed dat bankrekening [001] (hierna [001] ) door mij is geopend. Er zijn door mij twee ING-rekeningen geopend. [betrokkene 1] en ik hadden toegang tot deze rekening. Ik kon er betalingen en overboekingen mee doen. Ik alleen kon beschikken over een bankpasje van deze rekening. Ik heb er contant geld mee opgenomen. Alleen ik kon geld opnemen.
Ik denk dat ik de ING-rekening [002] (hierna: [002] ) heb geopend. Ik had toegang tot deze rekening. [betrokkene 1] was wel gemachtigd. Ik kon er betalingen en overboekingen mee doen. Ik was de enige die een pasje had. Ik alleen heb contant geld opgenomen van deze rekening.
13. Een proces-verbaal van verhoor getuige [betrokkene 1] met nummer 2009151018 van 19 februari 2013, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 3] en [verbalisant 1] (pag. 60403-60423).
Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van [betrokkene 1] , zakelijk weergegeven:
heeft vanaf het begin geen salaris ontvangen. Dat was zo afgesproken. [verdachte] wilde uiteindelijk een salaris van € 5.000,- per maand. Op het moment dat het financieel mogelijk zou zijn voor de stichting. En er zou in ieder geval een arbeidsovereenkomst en een directieovereenkomst aan ten grondslag moeten liggen. Rekening [001] is vermoedelijk door [verdachte] geopend. [verdachte] en wellicht nog iemand van het bestuur konden hiervan betalingen en overboekingen doen. Maar [verdachte] deed in de regel alle betalingen. Alleen hij heeft contant geld opgenomen en heeft per kas contant geld opgenomen. Alleen hij beschikte over het pasje.
Rekening [002] is door [verdachte] geopend. [verdachte] kon betalingen/overboekingen doen.
14. Een proces-verbaal van verhoor getuige met nummer 2009151018 van 11 februari 2014, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 1] en [verbalisant 2] (ongenummerd, rubriek 6 Verhoor verdachten).
Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van [betrokkene 1] , zakelijk weergegeven:
Bij de oprichting van [benadeelde] is besloten dat zowel het bestuur als de directeur geen salaris zouden krijgen. Dat kon ook niet, want [benadeelde] had onvoldoende geld daarvoor. Het was uiteindelijk wel de bedoeling dat [verdachte] salaris zou krijgen als er mogelijkheid zou zijn er geld voor vrij te maken. Er is nooit gesproken over wanneer [verdachte] salaris zou ontvangen. De afspraak die in het begin is gemaakt bleef staan. Geen salaris voor de bestuursleden en de directie.
15. Een proces-verbaal van bevindingen onderzoek gebruik [benadeelde] geld door [verdachte] voor privé met nummer 2009151018 van 20 juni 2013, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 2] (pag. 100057-100071).
Dit proces-verbaal houdt onder meer in als bevindingen van verbalisant, zakelijk weergegeven:
Bankrekening [001] werd gebruikt voor ontvangst van sponsor/donorgeld.
Vanaf deze rekening zijn diverse kasopnames gedaan, werd per geldautomaat contant geld opgenomen, werden pinbetalingen gedaan, werd geld overgeboekt naar de Raborekening van [verdachte] en werd geld overgeboekt naar de rekening van de vrouw van [verdachte] in Amerika.
(…).
16. Geschriften, zijnde kopieën van afschriften van de ING bank betreffende [001]
rekening, volgnummer 30 van 2005 respectievelijk volgnummer 24 van 2006 (pag. 90341 en 90342).
Deze geschriften houden in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, dat pasnummers […] respectievelijk […] op naam zijn gesteld van [verdachte] .
17. Geschriften, zijnde een overzicht imitaties ING bankrekening [001] (pag. 9.0345-90382) en een hieruit afgeleid excelbestand met opnamen geldautomaat (pag. 90343- 90344).
Deze geschriften houden in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, dat in de periode 4 januari 2005 tot en met 21 augustus 2006 in totaal € 27.993,76 per bankautomaat is opgenomen met pasnummer […] en […] .
18. Een proces-verbaal van bevindingen onderzoek aan- en verkoop Smart met nummer 2009151018 van 20 juni 2013, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 2] (pag. 100205-100213).
(…).
19. Een proces-verbaal van verhoor verdachte met nummer 2009151018 van 1 november 2012, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 1] en [verbalisant 2] (pag. 60168-60182).
(…).
20. Geschriften, zijnde een overzicht mutaties ING bankrekening [001] (pag. 90384-90391) en een hieruit afgeleid Excel bestand met kasopnamen (pag. 90383).
Uit deze geschriften kan worden afgeleid dat in de periode januari 2005 tot en met november 2006 in totaal € 35.950,20 opgenomen van [001] , namelijk:
(…).
21. Een geschrift, zijnde Excel bestand met overboekingen van de [001] rekening naaf de Raborekening [003] t.n.v. [verdachte] (pag. 90393).
Uit dit geschrift blijkt dat in totaal een bedrag van € 23.641,53 naar de rekening van [verdachte] is overgemaakt, te weten:
(…).
22. Een proces-verbaal van bevindingen onderzoek ‘ [benadeelde] ’ met nummer 2009151018 van 20 juni 2013, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 2] (pag. 100091-100124).
Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verbalisant, zakelijk weergegeven:
Onderstaande bedragen werden naar [betrokkene 3] overgeboekt:
Op 11 november 2005 € 9.500,00
Op 13 maart 2006 € 8.500,00
Op 7 juni 2006 €10.500,00
Bij verhoor van 30 oktober 2012 heeft verdachte [verdachte] verklaard over de overboekingen naar zijn vrouw [betrokkene 3] . Hij verklaart onder meer: “Zij heeft wel degelijk vertalingen gedaan. Zij heeft vertalingen voor de website gedaan. We hebben de hele website in het Frans vertaald, dat heeft zij gedaan. Zij is betrokken geweest bij [benadeelde] . Zij heeft onderzoek gedaan naar het opzetten van stichtingen daar. Hier zijn rapporten van gemaakt”. Na het verhoor liet [verdachte] middels Plasman Advocaten weten dat zijn vrouw de website van [benadeelde] in het Frans heeft vertaald. De betreffende stukken die zij vertaald zou hebben heeft hij bij zijn e-mail gevoegd. Na onderzoek bleek dat de bewuste vertaling niet door [betrokkene 3] is gedaan maar door [betrokkene 4] .
23. Geschriften, zijnde kopieën van afschriften van de rekening-courant van [001] (pag. 90406-90408).
Deze geschriften houden onder meer in:
(…)
24. Een proces-verhaal van bevindingen achteraf opgemaakte geschriften met nummer
2009151018 van 20 juni 2013, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 2] (pag. 100125-100148).
Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verbalisant zakelijk weergegeven:
In deze paragraaf (3.2) staan afbeeldingen van delen van de tekst die deel uitmaakt van het schrijven met aanhef “ [benadeelde] ”. Dit betreft het onderzoek dat [betrokkene 3] in Amerika gedaan zou hebben. De tekst van deze Amerikaanse studies is in zijn geheel vanaf internet gedownload. Van de gevonden documenten met betrekking tot Amerikaanse studies maakt deel uit een schrijven met aanhef “Forming a Non-Profit 501 ( c )(3) Federallv Tax Exempt Corporation in Florida to Pursue Citizen Activism and Childright awareness”. Na “Forming a Non-Profit 501 ( c )(3) Federally Tax Exempt” in Google te hebben gezocht verschijnt een tekst die overeenkomt met de tekst van [betrokkene 3] en/of [verdachte] .
25. De verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg van de rechtbank Amsterdam van 7 juli 2016.
Deze verklaring houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
In de notulen staat dat ik salaris krijg vanaf 1 oktober 2004. Er was een overeenkomst maar die is niet afgerond omdat ik de financiële situatie van de stichting niet op orde vond. Ik heb een jaar zonder salaris gewerkt. Ik heb het contract niet getekend omdat de financiële situatie niet goed was.
26. De verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 11 februari 2020.
Deze verklaring houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Op de vraag van de voorzitter dat ik na afloop van iedere reis een overzicht van de kosten had kunnen sturen naar de administratie, antwoord ik dat vrij slordig ben en niet goed ben in administratie. Mijn werk is altijd veldwerk met dorpelingen geweest. Ik heb de administratie altijd uit handen gegeven terwijl ik van alles tegelijk wilde doen. Ik heb fouten gemaakt, ik ben absoluut geen goede administrateur. Ik ben niet altijd goed met bonnen, zeker omdat ik erg druk was.
Op een vraag van mijn raadsman antwoord ik dat ik een overzicht bijhield waardoor duidelijk was dat ik niet meer geld opnam dan waar ik recht op had.
Op een vraag van de jongste raadsheer of ik het overzicht bij me heb waaruit blijkt dat ik niet meer geld opnam dan waar ik recht op had, zeg ik dat ik dat niet bij me heb.
Toen kwam in het voorjaar van 2006 tussendoor het voorstel dat [betrokkene 5] mijn salaris zou betalen vanuit zijn eigen bv.
Nadere bewijsoverweging:
27. Op het totale bedrag van € 124.640,11 als vermeld in het proces-verbaal van bevindingen onderzoek gebruik [benadeelde] geld door [verdachte] voor privé met nummer 2009151018 van 20 juni 2013, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 2] (pag. 100057e.v. (22.803,76 + 4.864,62 + 500 + 35.950,20 + 6.000 + 23.641,53 +28.500 + 2.380) heeft de officier van justitie bij gelegenheid van haar requisitoir in eerste aanleg ten gunste van de verdachte een bedrag van € 13.050,00 in mindering gebracht, aldus uitkomend op een verduisterd bedrag van € 111.590,11, afgerond naar € 111.590,00. Het hof heeft hierop in gedeeltelijke navolging van de rechtbank nog het bedrag van € 2.380,00 in mindering gebracht, aldus uitkomend op een verduisterd bedrag van € 109.210,00.”