Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
“deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van een misdrijf als bedoeld in artikel 11 derde Pro lid en artikel 11 vijfde Pro lid van de Opiumwet”en
“medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd”, veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 27 maanden, met aftrek als bedoeld in artikel 27 Sr Pro. Daarnaast heeft het hof de onttrekking aan het verkeer bevolen van een stroomstootwapen.
eerste middelklaagt dat het hof de bewezenverklaring van feit 1 en 2, in het bijzonder ten aanzien van de pleegperiode, onvoldoende heeft gemotiveerd. In het verlengde hiervan klaagt het middel tevens dat de strafmotivering ontoereikend is, nu deze in belangrijke mate op de bewezenverklaarde pleegperiode is gebaseerd.
tweede middel, dat klaagt over de motivering van de het onder feit 2 bewezenverklaarde medeplegen van hennepteelt op de locatie Alkmaar, buiten bespreking blijven. Indien de Hoge Raad anders mocht oordelen en behoefte heeft aan een aanvullende conclusie waarin het tweede middel alsnog wordt besproken, zal ik daartoe uiteraard gaarne overgaan.