ECLI:NL:PHR:2022:1053

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
27 september 2022
Publicatiedatum
14 november 2022
Zaaknummer
20/01068
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 27 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging arrest zware mishandeling wegens ontbreken processtukken en terugwijzing

De verdachte is bij arrest van 11 maart 2020 door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf wegens zware mishandeling, met aftrek van voorarrest. Tevens werd een schadevergoedingsmaatregel opgelegd aan de verdachte.

In cassatie zijn twee middelen voorgesteld door de raadsman van de verdachte. Het eerste middel klaagt over het ontbreken van relevante processtukken, waaronder het proces-verbaal van de zitting in hoger beroep en de pleitnota. Ondanks een tijdig verzoek hiertoe bleek het dossier in ongerede te zijn geraakt, waardoor deze stukken niet beschikbaar zijn.

Dit gebrek maakt het onmogelijk om de bestreden uitspraak adequaat te toetsen in cassatie. Het ontbreken van deze processtukken wordt als een ernstig verzuim beoordeeld dat strijdig is met een behoorlijke procesorde. Gezien het onherstelbare karakter van dit verzuim acht de procureur-generaal vernietiging van het arrest noodzakelijk.

De conclusie strekt tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zodat het hoger beroep opnieuw kan worden berecht en afgedaan.

Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd wegens ontbreken van processtukken en de zaak wordt terugverwezen naar het gerechtshof voor hernieuwde behandeling.

Conclusie

PROCUREUR-GENERAAL

BIJ DE

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

Nummer20/01068
Zitting27 september 2022

CONCLUSIE

D.J.M.W. Paridaens
In de zaak
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,
hierna: de verdachte.
De verdachte is bij arrest van 11 maart 2020 door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Zwolle, wegens "zware mishandeling" veroordeeld tot een gevangenisstraf van twaalf maanden, met aftrek van het voorarrest als bedoeld in art. 27 Sr Pro. Voorts heeft het hof beslist op de vordering van de benadeelde partij en aan de verdachte een schadevergoedingsmaatregel opgelegd, een en ander als in het arrest vermeld.
Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte. Namens de verdachte heeft J. Boksem, advocaat te Leeuwarden, twee middelen van cassatie voorgesteld.
Het eerste middel klaagt over het ontbreken van relevante processtukken, waardoor de bestreden uitspraak in cassatie niet kan worden getoetst.
Overeenkomstig het Procesreglement heeft de raadsman van de verdachte bij bericht van 17 mei 2022 tijdig aan de rolraadsheer verzocht alsnog in het bezit te worden gesteld van het proces-verbaal van de zitting in hoger beroep en de door de raadsman overgelegde pleitnota. Naar aanleiding van dit verzoek is bij het hof nadere informatie ingewonnen. Op grond van die informatie blijkt dat het dossier in het ongerede is geraakt en zodoende geen proces-verbaal is uitgewerkt en geen pleitnota meer aanwezig is.
Gelet hierop valt niet na te gaan of ter terechtzitting meer verweren zijn gevoerd of meer uitdrukkelijk onderbouwde standpunten naar voren zijn gebracht dan die in de uitspraak van het hof zijn vermeld. Dit verzuim strijdt zozeer met een behoorlijke procesorde dat het, nu het blijkens bij het hof ingewonnen informatie onherstelbaar is, nietigheid van het onderzoek en de naar aanleiding daarvan gedane uitspraak meebrengt.
Het eerste middel is derhalve terecht voorgesteld. Het tweede middel behoeft daarom geen bespreking.
Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG