Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
4.3.2 Bewijs
(…)
[website], de voorwerpen opnieuw te verpakken en ze vervolgens naar [mededader 1] te sturen. [mededader 1] zal geld sturen via Western Union. Ook blijkt dat [mededader 1] op 7 oktober 2013 aan [betrokkene 1] het bericht heeft gestuurd dat het pakket niet geregistreerd of verzekerd mag worden verzonden; dat het pakket klein moet blijven en dat er goedkope dingen van de "hardware store" bij moeten." [mededader 1] heeft het bericht gestuurd dat de waarde van het pakket rond de $ 20,- moet liggen, omdat er anders belasting over moet worden betaald. [mededader 1] heeft op 7 oktober 2013 aan [betrokkene 1] de adresgegevens doorgegeven waar het pakket naartoe moet: [mededader 4] , [a-straat 1] [plaats] , The Netherlands. [mededader 1] heeft op 10 oktober 2013 aan [betrokkene 1] het bericht gestuurd dat het bedrag van $ 410,- via Western Union op naam van [betrokkene 5] wordt verstuurd en [betrokkene 1] heeft aan [mededader 1] het bericht gestuurd dat hij de instructies heeft opgevolgd. Op 19 oktober 2013 heeft [mededader 1] het bericht aan [betrokkene 1] gestuurd dat hij het pakket heeft ontvangen en dat hij een bedrag van $ 150,- als commissie zal sturen via Western Union met als afzender [mededader 4] . Op 23 oktober 2013 heeft [mededader 1] aan [betrokkene 1] het bericht gestuurd dat hij nog meer interessante voorwerpen op internet heeft gezien en vraagt aan [betrokkene 1] of hij ze wil bestellen en de pakketjes verspreid over meerdere dagen wil sturen, net als de vorige keer. [mededader 1] heeft daarvoor een bedrag van $ 1500,- via Western Union opgestuurd met als afzender [mededader 4] .
[website]drie voorwerpen kan uitzoeken. Op 11 januari 2015 heeft [mededader 1] aan [betrokkene 1] het bericht gestuurd dat hij via Western Union een bedrag van $ 1320,- heeft gestuurd op naam van [betrokkene 2] .
Uit het van de Amerikaanse autoriteiten verkregen overzicht van financiële transacties uitgevoerd bij de Western Union blijkt dat er over de periode vanaf 19 oktober 2013 t/m 3 november 2016 de volgende bedragen werden overgemaakt naar [betrokkene 1] te Amerika:
Ten aanzien van feit 5
tweede middelbevat de klacht dat de redelijke inzendtermijn in de cassatiefase is overschreden.