Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
middelbehelst de klacht dat de verdachte niet in de gelegenheid is gesteld om bij de behandeling van zijn zaak in hoger beroep aanwezig te zijn doordat het Hof ten onrechte verstek heeft verleend tegen de niet-verschenen verdachte, aangezien deze ten tijde van de behandeling van zijn zaak uit anderen hoofde (in Duitsland) gedetineerd was en hij niet vrijwillig afstand heeft gedaan van zijn aanwezigheidsrecht.