ECLI:NL:PHR:2022:663
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid hoger beroep bij termijnoverschrijding en verzoek nader onderzoek
In deze zaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens overschrijding van de termijn voor het instellen van hoger beroep. De betrokkene stelde in cassatie dat dit oordeel onbegrijpelijk was, mede gelet op artikel 6 EVRM Pro, en klaagde tevens dat het hof niet had beslist op het verzoek om nader onderzoek naar een mogelijke faxbevestiging bij de strafgriffie.
De procureur-generaal merkt op dat de klachten identiek zijn aan die in een samenhangende strafzaak en verwijst voor de inhoudelijke bespreking naar die zaak. Na beoordeling concludeert hij dat de middelen falen en dat er geen gronden zijn voor vernietiging van het arrest van het hof.
De conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep op grond van artikel 81 lid 1 RO Pro, waarmee de niet-ontvankelijkheid van de betrokkene in het hoger beroep wordt bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de niet-ontvankelijkverklaring in het hoger beroep blijft gehandhaafd.