ECLI:NL:PHR:2023:1156
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Conclusie AG over beklag tegen beslag op bedrijfspanden en ICT-dossiers in fraudeonderzoek voedselketen
In deze zaak betreft het cassatieberoep van een klaagster tegen een beschikking van de rechtbank Oost-Brabant die haar klaagschrift ex art. 552a Sv ongegrond verklaarde. Het klaagschrift strekte tot opheffing van beslag op fysieke dossiers en een back-up van het ICT-systeem, alsmede tot vernietiging en verbod op gebruik van de vastgelegde gegevens in het kader van een verdenking van grootschalige fraude in de voedselketen.
De behandeling van het klaagschrift vond plaats in de raadkamer, waarbij de zitting op 7 februari 2023 openbaar was. De rechtbank heeft op 7 maart 2023 de beschikking uitgesproken. De klaagster stelde twee middelen van cassatie voor, waarvan het eerste middel betrekking had op klachten over het verschoningsrecht.
De Procureur-Generaal concludeert dat het eerste middel faalt en adviseert de klaagster niet-ontvankelijk te verklaren voor zover het gaat om klachten over het verschoningsrecht. Het tweede middel blijft onbesproken. Er zijn geen gronden gevonden die aanleiding geven tot vernietiging van de bestreden uitspraak. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring voor het eerste middel en tot verwerping van het beroep voor het overige.
De zaak is verbonden met meerdere andere zaken met soortgelijke klachten en procedures. De datum van de beschikking is vastgesteld op 7 maart 2023, ondanks een kennelijke verschrijving in de datumvermelding bovenaan de beschikking.
Uitkomst: Cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard voor klachten over verschoningsrecht en beroep verworpen voor het overige.