ECLI:NL:PHR:2023:338
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling deelname criminele organisatie voor pinpasfraude
De verdachte werd door het gerechtshof Amsterdam veroordeeld tot tien maanden gevangenisstraf wegens deelname aan een criminele organisatie die zich bezighield met pinpasfraude. Deze organisatie bestond uit meerdere personen die samenwerkten om betaalpassen en pincodes te verduisteren en onder valse voorwendselen pinbrieven op te halen bij banken.
Het hof baseerde zijn oordeel op diverse bewijsmiddelen, waaronder tapgesprekken, observaties, verklaringen van betrokkenen en inbeslaggenomen documenten. De verdachte werd gezien als een sturende en leidinggevende figuur binnen de organisatie, die katvangers aanstuurde en valse legitimatiebewijzen regelde.
De verdediging voerde aan dat er onvoldoende bewijs was voor deelname aan een duurzame en structurele samenwerking, en dat de verdachte niet met alle leden van de organisatie contact had. Deze verweren werden door de AG verworpen omdat het niet vereist is dat een deelnemer met alle leden contact heeft gehad, noch dat de samenstelling van de organisatie constant is.
De AG concludeert dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de verdachte deel uitmaakte van een criminele organisatie met het oogmerk het plegen van misdrijven, en adviseert de Hoge Raad het cassatieberoep te verwerpen. De benadeelde partij ING Bank werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot tien maanden gevangenisstraf wegens deelname aan een criminele organisatie gericht op pinpasfraude.