Conclusie
Nummer21/02291
De procedure in cassatie
"mensenhandel”en
“valsheid in geschrift"veroordeeld tot een gevangenisstraf van tien maanden, met aftrek als bedoeld in artikel 27 Sr Pro.
De cassatiemiddelen – een kort overzicht vooraf
Volgorde van bespreking
De bewezen verklaarde mensenhandel
feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwichtdat hij had op [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , en zijn misbruik van
de daarmee samenhangende kwetsbare positiewaarin zij zich bevonden. Dwang vanuit de verdachte, in de strikte zin dat hij (als baas of chef) invloed had op de (duur of de soort) werkzaamheden van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , heeft het hof niet bewezen geacht. Het hof heeft de originele vertalingen waarin de termen ‘chef’ en ‘moeten’ stonden ook niet gebruikt. [4]
“Telecommunicatie van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] ”. [8] Ik kan de steller van het middel dan ook niet volgen waar hij aanvoert dat het hof niet heeft gespecificeerd welke gesprekken het betreft. [9] Dit onderdeel van de klacht mist feitelijke grondslag.
“wat heb ik toch gedaan. Ik heb gezegd dat degene ’s nachts moet gaan en degene gaat ’s nachts. Het zal beter zijn.” [10]