ECLI:NL:PHR:2023:731
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onjuiste beoordeling termijn beklag conservatoir beslag
De zaak betreft een beklag tegen de niet-ontvankelijkverklaring van klager in zijn verzoek tot teruggave van een Audi A3 die conservatoir in beslag was genomen op grond van artikel 94a Sv. De rechtbank had het klaagschrift niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn van drie maanden na het einde van de vervolging, zoals bedoeld in artikel 552a, derde lid, Sv.
De Hoge Raad stelt vast dat de rechtbank ten onrechte heeft aangenomen dat de vervolging tegen de beslagene, onder wiens naam het voertuig in beslag is genomen, was beëindigd. De vervolging tegen deze persoon was nog niet afgerond, zodat de termijn voor het indienen van het klaagschrift nog niet was aangevangen.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is bepaald dat bij conservatoir beslag op grond van artikel 94a Sv de termijn voor het indienen van beklag pas begint te lopen als de vervolging van de beslagene is beëindigd. Omdat de rechtbank dit niet heeft vastgesteld en hierover niets heeft beslist, is het middel gegrond.
De Hoge Raad vernietigt daarom de bestreden beschikking en wijst de zaak terug naar de rechtbank Noord-Holland, zittingsplaats Alkmaar, om het klaagschrift opnieuw te behandelen en te beslissen. Er zijn geen ambtshalve gronden voor vernietiging gevonden.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring en wijst de zaak terug voor herbeoordeling.