ECLI:NL:PHR:2023:936

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
6 juni 2023
Publicatiedatum
18 oktober 2023
Zaaknummer
21/05339
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 437 lid 2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep diamantroof Schiphol 2005 wegens ontbreken middelen

De verdachte is door het gerechtshof Amsterdam veroordeeld tot 43 maanden gevangenisstraf wegens poging tot diefstal met geweld tijdens een diamantroof op Schiphol in 2005. Het cassatieberoep is ingesteld, maar er zijn geen middelen van cassatie ingediend door de raadsman van de verdachte binnen de wettelijke termijn. Hierdoor is het beroep niet ontvankelijk verklaard door de Hoge Raad.

De Procureur-Generaal heeft geconcludeerd dat het ontbreken van schriftuur houdende middelen van cassatie betekent dat de Hoge Raad het cassatieberoep niet kan behandelen. Er is tevens samenhang met andere zaken die op dezelfde zitting zijn behandeld. De uitspraak betreft een procedurele beslissing zonder inhoudelijke beoordeling van de zaak.

De Hoge Raad handhaaft hiermee de beslissingen van het gerechtshof en sluit het cassatieproces af wegens niet-ontvankelijkheid. Dit benadrukt het belang van tijdige en correcte indiening van cassatiemiddelen in strafzaken.

Uitkomst: Cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken middelen van cassatie.

Conclusie

PROCUREUR-GENERAAL

BIJ DE

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

Nummer21/05339
Zitting6 juni 2023

CONCLUSIE

A.E. Harteveld
In de zaak
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1964,
hierna: de verdachte
De verdachte is bij arrest van 17 december 2021 door het gerechtshof Amsterdam wegens onder 2 primair “poging tot diefstal, voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, die diefstal gemakkelijk te maken en/of bij betrapping op heter daad, aan zichzelf of andere deelnemers van het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen” veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 43 maanden.
Er bestaat samenhang met de zaken 21/05232, 21/05226, 21/05218 en 21/05272. In deze zaken zal ik vandaag ook concluderen.
Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte. Namens de verdachte is geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend.
Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan hij ingevolge artikel 437 lid 2 Sv Pro niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.
Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG