ECLI:NL:PHR:2024:1004
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vordering tot betaling van verbeurde dwangsommen wegens gebreken aan gehuurd tankstation
De zaak betreft een huurgeschil tussen OK Oliecentrale B.V. en [verweerder 1] over een tankstation. OK heeft de huurovereenkomst opgezegd en vordert beëindiging, ontbinding en betaling van achterstallige huur. [verweerder 1] vordert herstel van gebreken met dwangsommen. De kantonrechter wijst de meeste vorderingen van OK af en veroordeelt OK tot herstel en betaling van dwangsommen.
In hoger beroep vordert [verweerder 1] betaling van verbeurde dwangsommen ad € 200.000, waarvan het hof € 50.000 toewijst. OK stelt dat deze vordering verjaard is op grond van art. 611g Rv, omdat de dwangsommen meer dan zes maanden na verbeuring zijn gevorderd. Het hof gaat hier niet op in.
De Procureur-Generaal concludeert dat het hof het beroep op verjaring over het hoofd heeft gezien, waardoor het arrest onvoldoende is gemotiveerd. De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling, waarbij het beroep op verjaring moet worden betrokken.
De procedure omvat meerdere fases, waaronder een exploitatieovereenkomst uit 1986, opvolging van partijen, melding van gebreken in 2017, opzegging in 2020, vonnis kantonrechter in 2021, arrest hof in 2023 en cassatie in 2024. De kern draait om de vraag of de dwangsommen terecht zijn toegewezen ondanks het verjaringsverweer.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen vanwege het niet behandelen van het verjaringverweer.