ECLI:NL:PHR:2024:1134
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herverdeling van negatieve belastbare inkomsten uit eigen woning bij niet-onherroepelijke navorderingsaanslag
Belanghebbende en de erven van haar in 2019 overleden echtgenoot ontdekten dat zij een te hoog bedrag aan hypotheekrente hadden afgetrokken voor het jaar 2018. Na het indienen van herziene aangiften met een lagere rente en gewijzigde toerekening, legde de Inspecteur navorderingsaanslagen op waarbij hij de oorspronkelijke verdeling uit de primitieve aanslagen handhaafde.
De Rechtbank Gelderland oordeelde dat de navorderingsaanslagen geen nieuwe termijn voor wijziging van de verdeling opleverden en verklaarde het beroep ongegrond. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden stelde echter dat partners de onderlinge verdeling kunnen wijzigen zolang de navorderingsaanslag nog niet onherroepelijk is, ook als de oude verdeling al onherroepelijk was vastgesteld.
De Staatssecretaris stelde in cassatie dat de wijziging van de verdeling niet mogelijk is als het bestanddeel al in een onherroepelijke aanslag was opgenomen, met verwijzing naar wetsgeschiedenis en uitvoeringsproblemen. Belanghebbende betwistte dit en stelde dat het algemene belastingrechtelijke uitgangspunt is dat niet meer belasting mag worden geheven dan verschuldigd.
De Procureur-Generaal concludeert dat het middel van de Staatssecretaris faalt en dat herverdeling zonder beperkingen mogelijk is zolang de navorderingsaanslag niet onherroepelijk is. Uitvoeringstechnische bezwaren en budgettaire gevolgen mogen de juiste wetstoepassing niet in de weg staan. De Hoge Raad wordt geadviseerd het beroep ongegrond te verklaren.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris wordt ongegrond verklaard; herverdeling van het negatieve inkomen uit eigen woning is mogelijk zolang de navorderingsaanslag niet onherroepelijk is.