Conclusie
Nummer21/04832
Inleiding
medeplegen van witwassen, begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd", veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van € 5.000,-, met een proeftijd van twee jaren.
Het middel
zij op tijdstippen in de periode van 1 juli 2005 tot en met 31 december 2005, te Leidschendam, gemeente Leidschendam-Voorburg, en elders in Nederland,
22. Een als bijlage bij het proces-verbaal d.d. 13 maart 2008 van de politie Haaglanden met nr. 15J1/2007/3992 (documentcode AH-17) gevoegd geschrift, zijnde een samenwerkingsovereenkomst, (blz. 290 t/m 293). Dit geschrift houdt onder meer in – zakelijk weergegeven –:
op en/of via bankrekening [001]” heeft gepleegd is de bewezenverklaring onvoldoende met redenen omkleed. De enkele omstandigheid dat de [A] ( [A] ) geldbedragen naar een bankrekening van een rechtspersoon heeft overgemaakt en dat die rechtspersoon die geldbedragen heeft ontvangen is onvoldoende om daaruit te kunnen afleiden dat de verdachte die bedragen heeft overgedragen en/of omgezet dan wel dat de verdachte zulks tezamen en in vereniging met anderen heeft gedaan.
[verdachte]”. Dit betreft naar het (kennelijke) oordeel van het hof:
[verdachte]B.V., oftewel: de verdachte. Deze betalingen worden toegelicht door [medeverdachte 2] , de bestuurder en enig aandeelhouder van de verdachte, in de verklaringen die onder bewijsmiddelen 32 tot en met 34 zijn opgenomen. Het hof heeft hieruit opgemaakt dat het telkens gaat om door [medeverdachte 2] bevoegdelijk verrichte betalingen van [A] aan [medeverdachte 2] ’ persoonlijke beheervennootschap, zijnde de verdachte, bij wijze van ‘managementfee’, zulks op die momenten dat er vanuit [A] inkomsten waren (“
Er [werden] facturen gestuurd omdat er inkomsten waren”, aldus [medeverdachte 2] ).
laten schilderen”) die aan uiteenlopende ‘families’ (konden worden) gekoppeld.
de factogeldbedragen overmaken dan wel opnemen vanaf deze rekening. [2]
medeplegenvan witwassen bewezen heeft verklaard. Voor deze bewezenverklaring is dus niet vereist dat de verdachte de geldbedragen
zelfheeft overgedragen en/of omgezet, dat kan ook – met haar medeweten, in de zin van voorwaardelijk opzet – zijn verricht door haar mededaders. Het overmaken van gelden naar bankrekening [001] van de verdachte (door [medeverdachte 2] namens [A] ) heeft het hof kunnen aanmerken als ‘overdragen’, terwijl de verwisseling van de vordering van [A] op de ABN AMRO-bank voor een vordering van de verdachte op haar eigen bank door het hof als een ‘omzetting’ kon worden beschouwd.