ECLI:NL:PHR:2024:470

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
14 mei 2024
Publicatiedatum
26 april 2024
Zaaknummer
21/04263
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4.3.6.3 Procesreglement Hoge RaadArt. 437 lid 2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging arrest wegens ontbrekende pleitnota en nietigheid hoger beroep

De verdachte werd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor meerdere feiten waaronder belaging, heimelijk fotograferen, diefstal met valse sleutel en huisvredebreuk, met een gevangenisstraf van twaalf maanden waarvan zes voorwaardelijk.

In cassatie werd aangevoerd dat de pleitnota die tijdens het hoger beroep werd gebruikt, niet bij de stukken aan de Hoge Raad was gevoegd. Navraag bij het hof leerde dat de pleitnota niet meer beschikbaar was, waardoor niet kon worden vastgesteld of er meer verweren waren gevoerd dan in het arrest vermeld.

Dit onherstelbare verzuim leidt tot nietigheid van het onderzoek ter terechtzitting en de uitspraak. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest en wijst de zaak terug naar het hof Arnhem-Leeuwarden voor hernieuwde berechting op het bestaande hoger beroep.

Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd wegens ontbrekende pleitnota en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.

Conclusie

PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer21/04263
Zitting14 mei 2024
CONCLUSIE
P.M. Frielink
In de zaak
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,
hierna: de verdachte.

1.Het cassatieberoep

1.1
De verdachte is bij arrest van 6 oktober 2021 door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, voor de eendaadse samenloop van belaging en het meermalen heimelijk fotograferen van een persoon in een woning (feiten 1 en 2), eenvoudige diefstal en het meermalen plegen van diefstal met behulp van een valse sleutel (feit 3), en het meermalen plegen van huisvredebreuk (feit 4) veroordeeld tot een gevangenisstraf van twaalf maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met aftrek van voorarrest. Het hof heeft voorts de inbeslaggenomen voorwerpen verbeurdverklaard en beslist op de vordering van de benadeelde partij.
1.2
Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte. J. Boksem, advocaat te Leeuwarden, heeft drie middelen van cassatie voorgesteld.

2.De middelen

2.1
In het eerste middel wordt geklaagd dat het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep en de naar aanleiding daarvan gedane uitspraak nietig zijn, aangezien de ter zitting van het hof overgelegde pleitnota zich niet bij de aan de Hoge Raad toegezonden stukken van het geding bevindt.
2.2
Blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 22 september 2021 is aldaar door de raadsvrouw van de verdachte het woord tot verdediging gevoerd “aan de hand van een schriftelijke pleitnota, die als hier herhaald en ingelast dient te worden beschouwd en die aan dit proces-verbaal is gehecht.” Deze pleitnota bevindt zich niet bij de aan de Hoge Raad toegezonden stukken. Overeenkomstig art. 4.3.6.3. van het Procesreglement van de Hoge Raad heeft de raadsman van de verdachte via het webportaal van de Hoge Raad binnen de in art. 437 lid 2 Sv Pro genoemde termijn aan de rolraadsheer verzocht alsnog in het bezit te worden gesteld van een afschrift van deze pleitnota. Desgevraagd heeft het hof de Hoge Raad bericht dat de op 22 september 2021 overgelegde pleitnota niet meer beschikbaar is en dus niet door het gerechtshof kan worden aangeleverd.
2.3
Gelet hierop valt niet na te gaan of ter terechtzitting meer verweren zijn gevoerd of meer uitdrukkelijk onderbouwde standpunten naar voren zijn gebracht dan de in het bestreden arrest genoemde. Dit verzuim, dat blijkens het bericht van het hof niet kan worden hersteld, strijdt zozeer met een behoorlijke procesorde dat het leidt tot nietigheid van het onderzoek ter terechtzitting en de naar aanleiding daarvan gedane uitspraak. [1]
2.4
Het eerste middel slaagt en het tweede en het derde middel kunnen om die reden buiten bespreking blijven.

3.Slotsom

3.1
Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
A-G

Voetnoten

1.Zie onder meer HR 11 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1319, rov. 2.4 en HR 11 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1538, rov. 2.4.