Conclusie
[de V.O.F.]respectievelijk
EOC.
1.Inleiding en samenvatting
geleidelijkeinwerking van corrosie. [de V.O.F.] beroept zich ook op een uitzondering op de uitsluitingsclausule op grond waarvan een geleidelijke inwerking van corrosie wél is gedekt als die wordt ingezet door een plotselinge hevige uiting van verontreiniging (‘insluitingsclausule’).
2.Feiten
de polisvoorwaarden) van toepassing. Art. 4.9 aanhef en sub 9 van deze voorwaarden luidt als volgt:
3.Procesverloop
de rechtbank) bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
het hof) in hoger beroep gekomen van het vonnis van de rechtbank. [de V.O.F.] heeft gevorderd dat het hof bij arrest uitvoerbaar bij voorraad het vonnis vernietigt en het in eerste aanleg gevorderde alsnog volledig toewijst, met veroordeling van EOC in de proceskosten van beide instanties.
het bestreden arrest) heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd, met veroordeling van [de V.O.F.] in de proceskosten.
4.Bespreking van het cassatiemiddel
in dit concrete gevalvan [het schip] moet worden gesproken van geleidelijke inwerking van corrosie. Het hof beantwoordt deze vraag bevestigend, gegeven het feit [5] dat de schade bij [het schip] gedurende enkele vaarten en/of enkele weken kan zijn ontstaan. Dit laat zich naar de aard der zaak niet goed nader motiveren, anders dan zoals het hof tot uitdrukking brengt, dat geleidelijke inwerking niet beperkt is tot de op slijtage lijkende inwerking gedurende jaren (rov. 5.9), dat onder geleidelijke inwerking ook moet worden begrepen inwerking gedurende (minimaal) enkele vaarten en/of enkele weken (rov. 5.9) en dat niet sprake is van geleidelijke inwerking van corrosie in het geval dat een extreem agressieve stof met het hoofddek in aanraking komt en daar direct een gat in brandt (rov. 5.7). Het omslagpunt wanneer niet langer sprake is van niet-geleidelijke inwerking ligt volgens het hof dus ergens tussen dat laatste geval en het zich hier voordoende geval waarin sprake is van inwerking gedurende enkele vaarten en/of enkele weken. Dit komt mij voor als een overzichtelijk en niet onjuist spectrum. Daarmee heeft het hof ook gedaan wat het volgens [de V.O.F.] moest doen (zie repliek in cassatie, nr. 6), namelijk aangegeven waar “
al is het maar bij benadering” zich de grens bevindt tussen geleidelijk en niet-geleidelijk.
geleidelijke inwerking gedurende jaren, lijkend op slijtage”. De klacht dat het hof deze stelling van [de V.O.F.] niet bij haar oordeelsvorming heeft betrokken, faalt daarom.
in het voorliggende geval” (rov. 5.11, slotzin) sprake van een ‘geleidelijke inwerking’ (als bedoeld in de uitsluitingsclausule) en niet tevens van een ‘plotselinge hevige uiting’ (als bedoeld in de insluitingsclausule).