ECLI:NL:PHR:2025:128
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in hoger beroep bij diefstal met geweld en afpersing
De verdachte is door het gerechtshof Amsterdam bij arrest van 6 december 2022 veroordeeld tot 26 maanden gevangenisstraf wegens diefstal met geweld en afpersing gepleegd door twee of meer verenigde personen. Het hof achtte een vrijheidsstraf van aanzienlijke duur passend vanwege de ernst van het feit en de impact op het slachtoffer.
De verdediging voerde in hoger beroep aan dat de redelijke termijn was overschreden, maar het hof heeft hier niet expliciet op gereageerd. De handgeschreven toevoeging onder de pleitnota, mogelijk een weergave van de eis van de advocaat-generaal, werd niet als een zelfstandig verweer aangemerkt.
De Procureur-Generaal constateert dat de redelijke termijn in de cassatiefase zal worden overschreden, wat leidt tot een vermindering van de opgelegde gevangenisstraf naar de gebruikelijke maatstaf. Voor het overige worden geen gronden gevonden om de bestreden uitspraak te vernietigen. De conclusie strekt tot vernietiging van de uitspraak uitsluitend wat betreft de strafhoogte en tot verwerping van het beroep voor het overige.
Uitkomst: De opgelegde gevangenisstraf wordt verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep.