ECLI:NL:PHR:2026:433
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aanvullende conclusie procureur-generaal over verjaring in strafzaak
In deze aanvullende conclusie van de procureur-generaal bij de Hoge Raad wordt een eerdere misslag gecorrigeerd betreffende de verjaring van strafbare feiten. De procureur-generaal had eerder geconcludeerd dat bepaalde feiten verjaard waren, maar stelt nu dat deze conclusie onjuist is.
De kern van de correctie betreft de toepassing van de verjaringstermijnen zoals vastgelegd in het Wetboek van Strafrecht. Met ingang van 1 januari 2015 is overtreding van artikel 328ter Sr bedreigd met een maximale gevangenisstraf van vier jaren. Dit heeft gevolgen voor de verjaringstermijnen, waarbij de absolute verjaringstermijn 24 jaren bedraagt.
De procureur-generaal benadrukt dat deze termijn nog niet is verstreken, waardoor het recht tot strafvervolging op grond van artikel 70 lid 1 onder Pro 3 Sr niet is verjaard. De eerdere conclusie dient daarom te worden gelezen zonder de passages die de verjaring betreffen. Deze aanvullende conclusie heeft geen invloed op het uiteindelijk ingenomen standpunt van de procureur-generaal.
Uitkomst: De absolute verjaringstermijn van 24 jaar is nog niet verstreken, waardoor strafvervolging mogelijk blijft.