2.3De bewijsmiddelen waarop de bewezenverklaring steunt zijn als volgt weergegeven in de bij het vonnis van de rechtbank gevoegde ‘Bijlage II’ (hier weergegeven zonder de voetnoten):
“
Zaakdossier 2: Afpersing [betrokkene 2]
Op 6 november 2014 zijn in de Opel Vectra van [medeverdachte 1] onder meer de volgende
OVC-gesprekkenopgenomen:
Om 11.22 uur (sessienummer 4052)
[medeverdachte 1] praat met NN-persoon buiten de auto. Vervolgens openen de portieren, [medeverdachte 1] stapt in en zegt dat het fris aan het worden is tegen [medeverdachte 2] . Vervolgens stapt ook [verdachte] in, die wordt begroet door [medeverdachte 1] in de auto.
Om 11.27 uur (sessienummer 4052)
[medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [verdachte] zitten nog steeds in de auto. [medeverdachte 1] zegt dat hij in Born de autoweg kan afgaan en hier weer erop, dat is het makkelijkste voor hem. [medeverdachte 2] zegt .. ntv ...
Ja zegt [medeverdachte 1] , die staat in Echt te wachten.
Wanneer de auto om 11.42 volgens het peilbaken op de [b-straat] te Echt is, stapt een onbekende man in (sessienummer 4056).
Gesprek over hoeveel een ticket naar Thailand kost.
[medeverdachte 1] zegt dat ze vanmiddag hier een beetje gas moeten geven.
Dan kunnen we direct boeken zegt [verdachte] .
Om 11.52 uur (sessienummer 4058)
[verdachte] zegt: Ik heb pepperspray en pistool meegenomen he!
Om 13.36 uur (sessienummer 4070)
[medeverdachte 1] zegt tegen [medeverdachte 2] dat het beter is dat ze van hieruit de autoweg nemen naar IJsselstein en als ze terugkomen gaan ze langs Den Bosch en dan gaan ze langs.
Het mooie is, zegt [medeverdachte 1] , die ‘Albino’ die kent ons niet, heeft ons nog nooit gezien ......
Dat is altijd goed, zegt [verdachte] . Dan weet hij ook niet voor wie hij weg moet rennen ....
Ja dat bedoel ik, zegt [medeverdachte 1] , die kent ons niet, daar kun je gewoon heen lopen die rent niet weg die kent ons niet......
Om 14.57 uur (sessienummer 4084)
[medeverdachte 1] zegt dat het beste is als hij en vermoedelijk [medeverdachte 2] uitstappen en [verdachte] en [medeverdachte 4] blijven zitten anders komt hij niet naar buiten. [medeverdachte 2] geeft aan waar ze naar toe moeten rijden. [medeverdachte 2] zegt dat zijn Vito er staat en dat ze beter achterom kunnen parkeren. [medeverdachte 1] zegt dat ze die Vito gelijk meenemen.
De politie heeft onderzoek gedaan naar bijnamen hadden en concludeerde dat [medeverdachte 4] een bijnaam is van de verdachte [medeverdachte 3] .
Blijkens de gegevens van het
peilbakenaangebracht in de auto Opel Vectra van [medeverdachte 1] is dit voertuig op donderdag 6 november 2014 van 14.59 tot 15.25 uur stationair op de [a-straat] te [plaats] . Dit betreft het GBA adres van [betrokkene 2] .
Om 14.59 uur (sessienummer 4085)
De motor wordt afgezet. [verdachte] vraagt of hij moet blijven zitten. Ja, zegt [medeverdachte 1] , blijf maar stand-by en ik laat de sleutel op de auto staan. [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] stappen uit. [medeverdachte 4] en [verdachte] blijven in de auto.
Om 15.04 (sessienummer 4086)
[medeverdachte 4] en [verdachte] hebben het erover dat het wel lang geduurd heeft voordat de persoon open deed en dat het wel geregeld zal zijn. [medeverdachte 4] zegt dat hij misschien andere mensen heeft gebeld. We zien het wel als andere mensen komen, zegt [verdachte] .
Om 15.09 uur (sessienummer 4088)
[verdachte] zegt dat het lang duurt en dat dat goed is. Jazeker, zegt [medeverdachte 4] . De Vito mee dan is het toch goed. [medeverdachte 4] vraagt of die ‘meneer’ bij hun gezeten heeft. Neen zegt [verdachte] .
Om 15.22 uur (sessienummer 4091)
[medeverdachte 1] (vermoedelijk alleen) stapt weer in de auto en zegt dat ‘hij’ de boodschap heeft gesnapt. Rijgeluiden.
Om 15.26 uur (sessienummer 4091)
[medeverdachte 1] wil zo snel mogelijk weg uit deze buurt en ze gaan een bakje pakken op de autoweg. [verdachte] vraagt of ze hem ergens binnen moeten zetten. [medeverdachte 1] zegt zich aan het bedenken waar we hem kunnen neerzetten. [verdachte] geeft aan dat ze die bij hem achterom kunnen zetten.
Om 15.27 uur (sessienummer 4092)
[medeverdachte 2] roept dan ‘ik moet tanken hij is helemaal leeg’. [medeverdachte 1] en [verdachte] lachen.
Om 15.30 uur (sessienummer 4093)
[verdachte] zegt dat hij nog een plekje heeft waar hij hem binnen kan zetten. Oké zegt [medeverdachte 1] .
Om 15.39 uur (sessienummer 4093)
Blijkt dat [medeverdachte 4] bij [medeverdachte 2] in de auto zit, want [medeverdachte 1] dacht hem te zijn vergeten. [medeverdachte 1] zegt bij Nederweert te stoppen voor een bakkie en dan spreken we verder af .. ntv... met de bus .... ntv.
Om 15.59 uur ontvangt [medeverdachte 2] een
sms-berichtvan [telefoonnummer 1] op naam van [bedrijf 1] te [plaats] , inhoudende: ‘Hallo, ik hoor net van [betrokkene 2] dat jullie mijn bus hebben meegenomen, maar zo werkt dat niet jongens’.
Op 6 november 2014 om 18.42 uur (sessienummer 418) vindt er een
telefoongesprekplaats tussen [medeverdachte 2] en [betrokkene 1] , gebruiker telefoonaansluiting [telefoonnummer 1] , onder andere inhoudende:
[betrokkene 1] zegt: ‘Luister, ik ga niet zomaar overal naar toe rijden of weet ik veel wat (...) daar gaat het niet om maar het gaat zich er om ik weet niet waarom jullie mijn bus meenemen bij [betrokkene 2] ’.
[medeverdachte 2] zegt: ‘Nou dan moet je dat aan hem vragen dan kan hij jou dat precies uitleggen’.
(...)
[betrokkene 1] zegt: ‘Ik kan ook naar de politie gaan en zeggen dat jullie mijn bus hebben gestolen, is ook geen probleem’.
[medeverdachte 2] zegt: ‘Zodra [betrokkene 2] ons/mij de papieren geeft wat afgesproken is krijgt hij die terug’.
Op 3 december 2014 worden er door een nummer dat niet op naam staat twee sms-en verstuurd naar een nummer in gebruik bij [medeverdachte 2] met de volgende inhoud:
heb aangiften gedaan van afpersen en diefstal van die bus door een motorclub uit Limburg heb geen namen en clubnaam genoemd dus kijk maar wat je met die bus doet.
Op 17 maart 2015 in de auto van [medeverdachte 2] het volgende
OVC-gesprekmet [betrokkene 3] opgenomen:
Om 23.03 uur (sessienummer 2737)
[medeverdachte 2] zegt: Ja daar heb ik toen toch met [medeverdachte 1] die bus afgepakt.
[betrokkene 3] vraagt: weetje die te vinden?
[medeverdachte 2] zegt: Op een gegeven moment kreeg ik een berichtje dat hij aangifte gedaan had.
Om 23.11 uur (sessienummer 2738)
[betrokkene 3] : Wat is er met die bus gebeurd? Verkocht?
[medeverdachte 2] : Weet ik niet. Ik denk het wel. Die hebben ze volgens mij ergens in de sloop geduwd. [verdachte] zou dat geregeld hebben.
[betrokkene 3] : Maar jullie hadden die papieren toch?
[medeverdachte 2] : Nee...
[betrokkene 3] : Jullie gaan een bus meenemen zonder papieren?
[medeverdachte 2] : Heeft [medeverdachte 1] gedaan. Ja... [medeverdachte 1] pakte gewoon de sleutel.
Om 23.13 uur (sessienummer 2739)
[medeverdachte 2] zegt: hij zou gewoon terugkrijgen als hij de eerste tien had betaald.
[betrokkene 3] zegt: als hij aangifte had gedaan had je daar zeker al wat van gehoord.
(…)
[betrokkene 3] zegt: Waar wil je aangifte van doen als je zelf fout bezig ben?
[medeverdachte 2] zegt: daarom had hij het op een afpersing gegooid.
Om 23.19 uur (sessienummer 2740)
[betrokkene 3] vraagt: Toen jullie die afspraak hadden met die ene gast, hadden jullie die vast of is die naar een afspraak gekomen?
[medeverdachte 2] zegt: Die hadden wij vast, daar zijn we aan de deur gegaan.
[betrokkene 3] vraagt: was [betrokkene 1] daarbij?
[medeverdachte 2] zegt: Die zat in de auto he. Weet je wat het is, wij waren eerst naar Amsterdam geweest voor een verhaal, toen zei [medeverdachte 1] ...
Op 14 april 2015 wordt in de auto van [medeverdachte 2] een OV-gesprek (sessienummer 4121) opgenomen. [medeverdachte 2] vertelt dat [betrokkene 1] altijd een grijze Vito heeft gereden en dat deze aangifte heeft gedaan van afpersing van de motorclub.
De
politieheeft ook onderzoek gedaan naar welke auto het betreft en komt op basis van een verklaring van [betrokkene 1] d.d. 22 januari 2012 dat hij een grijze Mercedes Vivano heeft (opmerking rechtbank: bedoeld zal zijn Viano), een OVC-gesprek op 14 april 2015 van [medeverdachte 2] en het aantreffen van [betrokkene 2] bij een verkeerscontrole van 23 augustus 2014 in deze auto, tot de conclusie dat het een Mercedes Benz Viano met het kenteken [kenteken 1] betreft. Uit nader onderzoek blijkt dat de kleur van deze auto briljant-zilver metallic is. Voorts wordt gerelateerd dat de Mercedes-Benz type Viano en de Mercedes-Benz type Vito uiterlijk identiek zijn, doch het interieur verschillend is.
Verdachte [verdachte] heeft ter terechtzitting van 29 maart 20121 verklaard dat hij zich niet kan herinneren met wie hij op 6 november 2014 in de auto van [medeverdachte 1] zat. Hij denkt dat hij niet is uitgestapt.”