Conclusie
1.Inleiding
2.Waar het in cassatie om gaat
3.Het middel
[betrokkene 1] :
[betrokkene 1] :
[aangever] :
[benadeelde] :
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte werd door het gerechtshof Den Haag veroordeeld wegens openlijke geweldpleging in vereniging en medeplegen van vernieling van een auto. Het hof legde een taakstraf van 120 uren op, subsidiair 60 dagen jeugddetentie, en kende gedeeltelijke schadevergoeding toe aan de benadeelde partij. In eerste aanleg was de verdachte vrijgesproken door de kinderrechter.
Het incident vond plaats op 15 januari 2023 te Reeuwijk, waarbij de verdachte en zijn broer ruiten van een auto vernielden waarin de ex-vriendin van de verdachte, de benadeelde en de aangever zaten. Vervolgens werd de aangever door anderen meerdere malen geslagen. Het hof oordeelde dat de verdachte opzet had op de geweldshandelingen en daaraan een significante bijdrage leverde.
In cassatie werd geklaagd over de motivering van het opzet, met name dat het hof onvoldoende had gemotiveerd dat de verdachte opzet had op de geweldshandelingen tegen de aangever. De conclusie van de procureur-generaal stelt dat het middel faalt omdat het hof voldoende bewijs had, waaronder verklaringen van betrokkenen en het feit dat de verdachte met zijn broer de ruiten insloeg waardoor de slachtoffers uit de auto stapten en het geweld mogelijk werd.
De conclusie benadrukt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de verdachte niet slechts passief aanwezig was, maar actief heeft bijgedragen aan het geweld. De cassatie wordt verworpen en de veroordeling blijft in stand.
Uitkomst: Hoge Raad verwerpt cassatieberoep en bevestigt veroordeling tot taakstraf en jeugddetentie wegens openlijke geweldpleging en vernieling.