ECLI:NL:RBALK:2000:AA7761
Rechtbank Alkmaar
- Voorlopige voorziening
- G.J.A. van Unnik
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid tot het treffen van voorlopige voorziening bij last onder dwangsom Winkeltijdenwet
Verzoekster, een tuincentrum, kreeg een preventieve last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hoorn om te voorkomen dat zij op niet-aangewezen koopzondagen open zou zijn. Verzoekster stelde dat haar tuincentrum onder een vrijstelling viel op grond van de Winkeltijdenwet.
De president van de rechtbank Alkmaar stelde vast dat de last onder dwangsom is opgelegd op basis van artikel 125 van Pro de Gemeentewet en niet rechtstreeks op grond van de Winkeltijdenwet. Omdat het besluit echter onlosmakelijk verbonden is met de Winkeltijdenwet, is het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevoegd voor beroep en voorlopige voorzieningen.
De president komt terug op een eerder ingenomen standpunt over zijn bevoegdheid en verklaart zich kennelijk onbevoegd om een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek wordt doorgezonden naar de president van het College van Beroep voor het bedrijfsleven. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De president van de rechtbank verklaart zich onbevoegd en verwijst het verzoek om voorlopige voorziening door naar het College van Beroep voor het bedrijfsleven.