ECLI:NL:RBALK:2004:AR2693
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vestiging voorkeursrecht gemeenten en belangenafweging
Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van de gemeente Heiloo om op haar percelen een voorkeursrecht te vestigen op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Zij stelde dat het huidige gebruik niet afwijkt van de bestemmingsplannen, dat zwaardere vestigingseisen gelden voor uitbreidingsplannen buiten de bebouwde kom, en dat de provincie geen instemming had gegeven. Tevens voerde zij aan dat de Wvg oneigenlijk werd gebruikt en dat sprake was van strijd met het gelijkheidsbeginsel en willekeur.
De rechtbank overwoog dat afwijkend gebruik ook kan bestaan uit een vergelijkbaar maar intensiever gebruik dan het bestaande, en dat de vestiging van het voorkeursrecht niet afhankelijk is van provinciale goedkeuring of een milieu-effectrapportage. De stellingen over oneigenlijk gebruik en willekeur werden verworpen omdat verweerder de criteria duidelijk had gemotiveerd en er geen gelijke gevallen waren die anders werden behandeld.
De rechtbank concludeerde dat verweerder bevoegd was het voorkeursrecht te vestigen en dat de belangenafweging zorgvuldig was gemaakt. Het belang van eiseres om haar perceel vrij te verkopen woog niet zwaarder dan het algemeen belang. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vestiging van het voorkeursrecht op de percelen van eiseres wordt ongegrond verklaard.