ECLI:NL:RBALK:2006:AV2146
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding met gezamenlijke gezagsregeling en omgangsregeling minderjarige kinderen
De rechtbank Alkmaar heeft op 16 februari 2006 de echtscheiding uitgesproken tussen partijen, waarbij voorafgaand aan het huwelijk drie kinderen zijn geboren. Vaststaat dat de man niet de biologische vader is van de twee oudste kinderen, maar deze wel heeft erkend. De rechtbank oordeelt dat door het huwelijk gezamenlijk gezag is ontstaan over alle drie de kinderen, mede op basis van een analogische uitleg van artikel 1:157 lid 6 BW Pro en een uitspraak van de Hoge Raad.
De rechtbank bevestigt dat de gewone verblijfplaats van het jongste kind bij de vrouw zal zijn, mede gelet op het advies van de Raad voor de Kinderbescherming en de pedagogische kwaliteiten van de vrouw. De omgangsregeling wordt vastgesteld met onder meer een weekend per twee weken en een uitbreiding naar de helft van de schoolvakanties en feestdagen.
Daarnaast wordt de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap geregeld en krijgt de man het recht om de echtelijke woning gedurende zes maanden na inschrijving van de beschikking te blijven gebruiken. De rechtbank wijst andere verzoeken af en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Echtscheiding uitgesproken met gezamenlijk gezag over de kinderen, verblijfplaats jongste kind bij de vrouw en omgangsregeling vastgesteld.