ECLI:NL:RBALK:2006:AX1197
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Regeling WWB en Bijstandsregeling vakantietoeslag 2001 onverbindend wegens inkomensondergrens bij combinatie WAO- en WWB-uitkering
Eiseres ontvangt naast een WWB-uitkering ook een WAO-uitkering, waarbij de vakantietoeslag forfaitair wordt verrekend volgens de Regeling WWB en Bijstandsregeling vakantietoeslag 2001. Deze verrekening leidt ertoe dat haar netto-inkomen over de periode van 1 juni 2003 tot en met 31 mei 2004 lager is dan de toepasselijke bijstandsnorm, terwijl zij dit tekort niet kan compenseren via de Belastingdienst.
De rechtbank stelt vast dat verweerder de regeling correct heeft toegepast, maar dat de toepassing in dit geval strijdig is met de strekking van de WWB en de Abw, en niet overeenkomt met de bedoeling van de wetgever. De forfaitaire berekening leidt tot een onbedoeld inkomensnadeel voor eiseres.
Daarom verklaart de rechtbank de regeling onverbindend voor eiseres en herroept het eerdere besluit. Eiseres wordt alsnog geacht een netto-uitkering van € 78,27 te ontvangen over de genoemde periode. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van eiseres, die met toevoeging heeft geprocedeerd.
De rechtbank adviseert de regelgever om de regeling te herzien vanwege de vermoedelijke structurele problematiek bij vergelijkbare gevallen van combinatie van bruto WAO- en netto WWB-uitkeringen.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de regeling onverbindend en wijst eiseres een aanvullende netto-uitkering toe van € 78,27 over de periode juni 2003 tot mei 2004.