ECLI:NL:RBALK:2006:AY3897
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Werkstraf en schadevergoeding voor onvoorzichtige sliding tijdens voetbalwedstrijd met gebroken onderbeen tot gevolg
Op 16 april 2005 maakte verdachte tijdens een voetbalwedstrijd in Enkhuizen een sliding waarbij hij het slachtoffer met gestrekt been raakte, wat resulteerde in een gebroken onderbeen. De rechtbank oordeelde dat niet bewezen was dat verdachte opzettelijk zwaar lichamelijk letsel had toegebracht, maar wel dat hij aanmerkelijk onvoorzichtig en onachtzaam had gehandeld.
De verdachte werd vrijgesproken van het primair ten laste gelegde opzetdelict, maar veroordeeld voor het subsidiair ten laste gelegde schuld-delict. De rechtbank baseerde dit op verklaringen van verdachte en getuigen, waarbij werd vastgesteld dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans op letsel heeft aanvaard door de sliding met gestrekt been uit te voeren.
De rechtbank legde een werkstraf van 60 uur op, met een vervangende hechtenis van 30 dagen indien de taakstraf niet wordt verricht. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding van €1.680,32 aan het slachtoffer, met een gedeeltelijke niet-ontvankelijkheid van andere vorderingen wegens onvoldoende verband of complexiteit.
De strafmaat werd bepaald op basis van de ernst van het letsel, de omstandigheden van het feit en de persoonlijke situatie van verdachte, die niet eerder was veroordeeld. De rechtbank nam ook de schorsing van verdachte door de KNVB mee in haar overwegingen.
Deze uitspraak benadrukt dat ook binnen de sportregels een grens bestaat aan het toelaatbare gedrag en dat onvoorzichtigheid met ernstige gevolgen strafrechtelijk kan worden bestraft.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 60 uur werkstraf en betaling van €1.680,32 schadevergoeding wegens aanmerkelijk onvoorzichtige sliding met gebroken onderbeen tot gevolg.