ECLI:NL:RBALK:2006:AY6888
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatigheid termijnstelling voor nieuwe aanvraag na nieuw feit volgens artikel 4:6 Awb
Eiseres verzocht de Informatie Beheer Groep (IB-Groep) om alsnog een tegemoetkoming toe te kennen voor het schooljaar 2002-2003 nadat haar eerdere aanvraag was afgewezen. De IB-Groep wees dit verzoek af omdat de nieuwe aanvraag niet binnen zes weken na het bekend worden van een nieuw feit (de verlening van een verblijfsvergunning) was ingediend.
De rechtbank stelde vast dat artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geen termijn voorschrijft waarbinnen een nieuwe aanvraag moet worden gedaan na het bekend worden van nieuwe feiten of omstandigheden. Het beleid van de IB-Groep om een termijn van zes weken te stellen, is daarom niet gebaseerd op een wettelijke bevoegdheid en in strijd met de Awb.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat de IB-Groep een nieuw besluit moet nemen waarbij zij de nieuwe feiten moet betrekken. Tevens werd de IB-Groep veroordeeld in de proceskosten van eiseres en werd het griffierecht vergoed.
De uitspraak bevestigt dat bestuursorganen nieuwe aanvragen inhoudelijk mogen heroverwegen, maar dat zij geen onwettige termijnen mogen stellen die niet in de wet zijn opgenomen. Dit beschermt de rechtspositie van aanvragers tegen onredelijke beleidsregels.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit van de IB-Groep en oordeelt dat de zes weken termijn voor nieuwe aanvragen niet is toegestaan.