ECLI:NL:RBALK:2007:BA3441
Rechtbank Alkmaar
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen bouwvergunning met vrijstelling op grond van artikel 19 WRO
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Medemblik om een bouwvergunning te verlenen voor een kantoorgebouw, gebruikmakend van een vrijstelling ingevolge artikel 19, eerste lid, van de Wet op de ruimtelijke ordening (WRO).
Verzoekers, waaronder een nabijgelegen autobedrijf en een kantoorgenoot, stelden dat de vrijstelling onterecht was verleend en dat de bouwplannen in samenhang met toekomstige fases moeten worden beoordeeld. Ook maakten zij bezwaar tegen de afstand van het gebouw tot hun perceel en de watercompensatie.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de ruimtelijke onderbouwing als goed kan worden aangemerkt, omdat het bouwplan past binnen de toekomstige bestemming en de bestaande omgeving. De afhankelijkheid van toekomstige fases en de afstandsmaat werden niet als belemmerend gezien. Ook is voldaan aan de watertoets en kan watercompensatie op het perceel zelf plaatsvinden.
De belangenafweging door verweerder was redelijk en er was geen aanleiding om de voorlopige voorziening toe te wijzen. Het verzoek werd daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de bouwvergunning wordt afgewezen.