ECLI:NL:RBALK:2007:BB9046
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over waardering en terugkoopprijs van aandelen in samenwerkingsvennootschap
Eiseres in conventie en Gedaagde in conventie waren beide 50% aandeelhouder van een vennootschap (de shop) na het sluiten van diverse overeenkomsten, waaronder een raamovereenkomst, aandeelhoudersovereenkomst en geldleningsovereenkomst. De waardering van de aandelen en de terugkoopprijs vormden het centrale geschil, waarbij partijen verschillende berekeningen en peildata aanhielden.
De rechtbank oordeelde dat de waarderingssystematiek niet alleen op de omzet (provisie) gebaseerd kon zijn, maar ook het eigen vermogen van de vennootschap moest worden betrokken. Er was sprake van een omissie in de overeenkomsten omtrent de situatie van een negatief eigen vermogen, wat niet door partijen was voorzien. De rechtbank verwierp het standpunt van Eiseres dat Gedaagde het volledige risico van waardevermindering moest dragen, alsmede het standpunt van Gedaagde dat het eigen vermogen buiten beschouwing moest blijven.
Uiteindelijk werd vastgesteld dat Eiseres aan Gedaagde een bedrag van €20.072,- plus wettelijke rente moest betalen, zijnde het verschil tussen reeds betaalde bedragen en de vastgestelde terugkoopprijs. De overige vorderingen, waaronder verklaring voor recht en kosten van bankgarantie, werden afgewezen. De proceskosten werden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Eiseres moet aan Gedaagde €20.072,- plus rente betalen; overige vorderingen worden afgewezen.