ECLI:NL:RBALK:2008:BD3169
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd inzake wijziging gezamenlijk gezag minderjarige
De moeder, sinds 2002 woonachtig in Engeland, verzoekt de rechtbank Alkmaar om het gezamenlijk gezag over haar minderjarige kind te wijzigen in eenhoofdig gezag. Het kind is geboren tijdens haar huwelijk dat inmiddels is ontbonden, maar de voormalige echtgenoot is niet de biologische vader en heeft geen contact met het kind. De moeder ondervindt praktische problemen bij de uitvoering van het gezamenlijk gezag, zoals het verlengen van het paspoort van het kind, waarvoor toestemming van beide ouders vereist is.
De moeder baseert de bevoegdheid van de rechtbank Alkmaar op artikel 12 lid 1 en Pro lid 3 van de Brussel II-bis Verordening. De rechtbank overweegt dat de vader niet uitdrukkelijk of ondubbelzinnig de bevoegdheid van deze rechtbank heeft aanvaard, zoals vereist in artikel 12 lid 1 onder Pro b. Ook is niet voldaan aan de voorwaarden van artikel 12 lid Pro 3, omdat ondanks het Nederlandse staatsburgerschap van het kind niet vaststaat dat het kind een nauwe band met Nederland heeft en de bevoegdheid niet door alle partijen is aanvaard.
Daarom verklaart de rechtbank zich onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek tot wijziging van het gezag. De moeder heeft uitdrukkelijk domicilie gekozen bij haar procureur in Den Helder, maar dit verandert niets aan de bevoegdheidsvraag. De beschikking is uitgesproken door rechter M.M. van Weely op 16 april 2008.
Uitkomst: De rechtbank Alkmaar verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek tot wijziging van het gezamenlijk gezag.