ECLI:NL:RBALK:2009:BI1984

Rechtbank Alkmaar

Datum uitspraak
17 februari 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
284586 \ EJ VERZ 08-334
Instantie
Rechtbank Alkmaar
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:192 lid 2 BWArt. 4:194 lid 2 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot verwerping of beneficiaire aanvaarding nalatenschap afgewezen wegens onherroepelijke zuivere aanvaarding

De erfgenamen van de overledene hebben verzocht om de nalatenschap alsnog te mogen verwerpen of beneficiair te aanvaarden. Dit verzoek werd ingediend nadat zij hadden vastgesteld dat de huurwoning van de erflater aanzienlijke opknapkosten vereiste, die de woningbouwvereniging op hen wenste te verhalen. De kantonrechter overwoog dat de erfgenamen na het overlijden handelingen hadden verricht, zoals het leeghalen van de woning en het weggeven van inboedel, die als zuivere aanvaarding van de nalatenschap moeten worden aangemerkt.

Volgens de kantonrechter is deze zuivere aanvaarding onherroepelijk, tenzij er sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 4:194 lid 2 BW Pro, waarbij na zuivere aanvaarding een nieuwe gebeurtenis of uiterste wil bekend wordt die de positie van een erfgenaam verzwaart. In deze zaak was de slechte staat van de woning echter reeds bekend of had bekend kunnen zijn kort na het overlijden, aangezien de erfgenamen de woning hebben leeggehaald en de staat konden waarnemen.

De kantonrechter concludeerde daarom dat geen uitzondering op de regel van onherroepelijke zuivere aanvaarding van toepassing is en wees het verzoek af. De beschikking werd uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 17 februari 2009 door kantonrechter J.H. Gisolf.

Uitkomst: Het verzoek om de nalatenschap alsnog te verwerpen of beneficiair te aanvaarden wordt afgewezen wegens onherroepelijke zuivere aanvaarding.

Uitspraak

RECHTBANK ALKMAAR
Sector Kanton
Locatie Alkmaar
Zaaknr/repnr.: 284586 \ EJ VERZ 08-334 (H.K.)
Uitspraakdatum: 17 februari 2009
Beschikking ex artikel 4:194 lid 2 BW Pro
in de nalatenschap van [erflater]
1. Het procesverloop
1.1 Op 2 december 2008 is ter griffie een verzoek ex art. 4:192 lid 2 BW Pro ontvangen met betrekking tot de nalatenschap van [erflater], laatst wonende te [woonplaats] aan het [adres], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], overleden in de gemeente [xxx] op [xxx].
1.2 Het verzoek is ingediend door:
a) [naam], wonende te [woonplaats], [adres] (broer van erflater)
mede namens de overige erfgenamen:
b) [naam], wonende te [woonplaats], [adres] (broer van erflater)
c) [naam], [adres], [woonplaats] (broer van erflater)
d) [naam], [adres], [woonplaats] (moeder van erflater).
1.3 De mondelinge behandeling heeft in deze plaatsgevonden op 20 januari 2009, alwaar zijn verschenen voormelde verzoekers sub a tot en met c, mede namens verzoekster sub d.
Tevens is ter terechtzitting aanwezig [naam], opzichter van Woningbouwvereniging [naam], [adres], [vestigingsplaats], welke woningbouwvereniging als belanghebbende is opgeroepen.
Ter zitting hebben verzoekers en de belanghebbende hun standpunten nader toegelicht.
De kantonrechter heeft vervolgens de zaak twee weken aangehouden om de verzoekers de gelegenheid te geven de zaak in der minne te regelen met voormelde woningbouw-vereniging.
Omdat na voormelde termijn van twee weken geen bericht werd ontvangen van verzoekers is heden uitspraak bepaald.
2. De beoordeling
2.1 Het verzoek strekt ertoe om de nalatenschap van erflater, [erflater], alsnog te mogen verwerpen, althans – zo verstaat de kantonrechter – beneficiair te mogen aanvaarden.
De kantonrechter overweegt als volgt met betrekking tot dit verzoek.
2.2 Verzoekers, allen erfgenaam van erflater, onderbouwen hun verzoek door te stellen, dat na inspectie van erflaters huurwoning (medio november 2008) is gebleken dat de opknapkosten hiervan € 7.460,-- bedragen, welke kosten de woningbouwvereniging op de erfgenamen wenst te verhalen, aangezien het saldo van de nalatenschap ontoereikend is.
2.3 Naar het oordeel van de kantonrechter is verwerping van de nalatenschap door de erfgenamen niet meer mogelijk, nu vaststaat dat zij na het overlijden van rechthebbende handelingen hebben verricht – het leeghalen van de woning en het weggeven van inboedelgoederen van erflater, waaronder een televisie, een piano, een versterker, een fiets, een verrekijker en een sterrenkijker – die als zuivere aanvaarding van de nalatenschap dienen te worden aangemerkt.
Deze stilzwijgende keuze van zuivere aanvaarding is onherroepelijk. De enige uitzondering hierop is de regeling van art. 4:194 van Pro het Burgerlijk Wetboek, die het volgende inhoudt:
wanneer na zuivere aanvaarding een uiterste wil bekend wordt of een gebeurtenis plaatsvindt die de positie van een erfgenaam verzwaart, bestaat alsnog de mogelijkheid om met machtiging van de kantonrechter de nalatenschap beneficiair te aanvaarden.
2.4 Naar het oordeel van de kantonrechter is echter geen sprake van een gebeurtenis die pas na de (stilzwijgende) zuivere aanvaarding aan het licht is gekomen, nu die gebeurtenis
– de slechte staat waarin de huurwoning van erflater verkeerde – reeds bekend was of had kunnen zijn kort na het overlijden van de erflater. Immers, de erfgenamen hebben de woning leeggehaald en hebben toen de staat van de woning kunnen waarnemen. Het verzoek dient daarom te worden afgewezen.
3. De beslissing
De kantonrechter:
Wijst af het verzoek van de erfgenamen om de nalatenschap van erflater alsnog te mogen verwerpen of beneficiair te mogen aanvaarden.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.H. Gisolf, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 februari 2009.
De griffier, De kantonrechter,