ECLI:NL:RBALK:2009:BI4785
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onregelmatige opzegging agentuurovereenkomst en schadeplichtigheid handelsagent
De zaak betreft een geschil tussen een handelsagent en een bedrijf over de beëindiging van een agentuurovereenkomst en de daaruit voortvloeiende schadevergoedingen.
De handelsagent had de overeenkomst onregelmatig opgezegd zonder de wettelijke opzegtermijn van zes maanden in acht te nemen. De principaal stelde de agent op non-actief en schortte provisiebetalingen op wegens schade door concurrentie van een voormalige subagent, de zoon van de handelsagent.
De rechtbank oordeelde dat Nederlands recht van toepassing is, omdat de handelsagent geen kantoor hield in Duitsland, maar slechts een fiscaal ondernemingsadres had. De opzegging door de agent was onregelmatig en leidde tot schadeplichtigheid. De vordering van de agent tot schadevergoeding wegens dringende reden werd afgewezen.
De principaal kreeg deels gelijk in haar reconventionele vordering: de handelsagent was tekortgeschoten in zijn contractuele verplichtingen, met name door onregelmatige opzegging en het niet voorkomen van concurrerende activiteiten van de subagent.
De rechtbank veroordeelde de handelsagent tot betaling van een schadevergoeding en bepaalde dat de principaal provisie moest betalen, met verrekening van reeds betaalde voorschotten. Tevens werd de principaal veroordeeld tot inzage in bewijsstukken voor een juiste afrekening.
Uitkomst: De handelsagent is schadeplichtig wegens onregelmatige opzegging en concurrentie, terwijl de principaal achterstallige provisie moet betalen met inzage in bewijsstukken.