ECLI:NL:RBALK:2009:BJ1161
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WOZ-waarde winkelpand wegens onvoldoende onderbouwing kapitalisatiefactor
Eiser betwistte de vastgestelde WOZ-waarde van zijn winkelpand, die door verweerder was vastgesteld op €221.000,00 met een waardepeildatum van 1 januari 2003. Na eerdere procedures waarin de rechtbank oordeelde dat de huurwaarden en kapitalisatiefactor onvoldoende waren onderbouwd, stelde verweerder een aanvullend taxatierapport van SMQ B.V. over ter onderbouwing.
De rechtbank oordeelde dat het eerdere taxatierapport niet als onderbouwing kon dienen en dat de verkoop van vergelijkbare woningen niet relevant was voor de waardering van de verdieping van het winkelpand, die als opslagruimte werd gewaardeerd. De verkoop van een referentieobject was te ver na de peildatum en daarom niet bruikbaar.
Met het taxatierapport van SMQ kon verweerder wel voldoende aantonen dat de gehanteerde huurwaarden en kapitalisatiefactor niet te hoog waren vastgesteld. De kapitalisatiefactor was berekend op basis van het rendement op staatsobligaties, wat de rechtbank als een aanvaardbare methode beschouwde bij gebrek aan verkoopgegevens.
De rechtbank vernietigde de bestreden uitspraak op bezwaar wegens strijd met de Awb, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand op grond van artikel 8:72 Awb Pro. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van redelijke proceskosten van €80,00 aan eiser. Hoger beroep is mogelijk bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de uitspraak op bezwaar over de WOZ-waarde maar laat de rechtsgevolgen daarvan in stand en veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten.