ECLI:NL:RBALK:2009:BK1165

Rechtbank Alkmaar

Datum uitspraak
5 oktober 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
301916 CV EXPL 09-2443
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • P.J. van de Sande
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Onredelijkheid terugwerkende servicekosten zonder vooraankondiging in huurovereenkomst

De zaak betreft een geschil tussen Grovast Beleggingen B.V., als verhuurder, en een huurder over de betaling van servicekosten. De huurder ontving in 1998 een brief waarin werd medegedeeld dat servicekosten 'tot nader order' voor rekening van de eigenaar zouden zijn, met de kanttekening dat deze kosten niet werden afgeschaft en later alsnog in rekening konden worden gebracht.

In 2008 bracht de beheerder van de woningservicekosten in rekening over 2007, welke de huurder weigerde te betalen. Grovast vorderde betaling van het openstaande bedrag vermeerderd met rente en incassokosten. De huurder betwistte met name het terugwerkende karakter van deze kosten.

De rechtbank oordeelde dat het zonder enige vooraankondiging terugwerkend in rekening brengen van servicekosten onredelijk en onaanvaardbaar is. Servicekosten zijn primaire kosten waar huurders rekening mee moeten kunnen houden in hun budgettering. Daarom wees de rechtbank de vordering van Grovast af, maar liet de mogelijkheid open om vanaf 1 augustus 2008 servicekosten in rekening te brengen.

De verhuurder werd in de proceskosten veroordeeld, die nihil werden vastgesteld. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter P.J. van de Sande op 5 oktober 2009.

Uitkomst: De vordering tot betaling van servicekosten met terugwerkende kracht wordt afgewezen wegens onaanvaardbaarheid zonder vooraankondiging.

Uitspraak

RECHTBANK ALKMAAR
Sector Kanton
Locatie Hoorn
Zaaknr/rolnr.: 301916 CV EXPL 09-2443
Uitspraakdatum: 5 oktober 2009
Vonnis in de zaak van:
de besloten vennootschap Grovast Beleggingen B.V., gevestigd te Maastricht, als rechtsopvolgster onder algemene titel van de besloten vennootschap NSI Woningen B.V., gevestigd te Hoorn, als rechtopvolgster onder algemene titel van de besloten vennootschap NSI Trust & Management B.V., voorheen handelend onder de naam Zeeman Trust & Management, gevestigd te Hoorn, als rechtsopvolgster onder algemene titel van de stichting Stichting Bedrijfspensioenfonds voor de Metaalindustrie, gevestigd te Amsterdam
gemachtigde: mr. H.J.M. van de Pas, gerechtsdeurwaarder te Weert
eisende partij, verder te noemen: Grovast
tegen
[naam], wonende [te] Hoorn
gedaagde partij, verder te noemen: [gedaagde]
verschenen in persoon
Het procesverloop
Grovast heeft een vordering ingesteld, zoals omschreven in de dagvaarding (met producties) d.d. 22 juni 2009. [gedaagde] heeft bij antwoord mondeling verweer gevoerd met overgelegde producties. Vervolgens is gediend van repliek en dupliek met overgelegde producties. De inhoud van de processtukken geldt als hier ingelast. Ten slotte is heden uitspraak bepaald.
De uitgangspunten
- Grovast verhuurt, als rechtsopvolgster van NSI, aan [gedaagde] de woning [in]
- [gedaagde] ontving eind 1998 van de toenmalige beheerder ABC Vastgoedbeheer een brief, gericht aan alle huurders van het complex, inhoudende dat de eigenaar had besloten de servicekosten tot nader order voor haar rekening te nemen.
- Bij brief d.d. 20 december 2006 werd [gedaagde] erover geïnformeerd dat NSI de door hem gehuurde woning in eigendom heeft overgedragen aan Grovast, doch dat deze verkoop zonder gevolgen zou blijven voor wat betreft zijn uit de huurovereenkomst voortvloeiende rechten en plichten.
-De tegenwoordige beheerder Grouwels Vastgoed heeft bij factuur d.d. 1 augustus 2008 aan [gedaagde] (weer) servicekosten in rekening gebracht. Het betreft een afrekening ad € 122,88 over de voorbije periode van 1 januari 2007 tot en met
31 december 2007.
-[gedaagde] heeft deze factuur niet willen betalen.
Het geschil
Grovast vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 172,70, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 122,88 sedert 17 juni 2009. Het gevorderde bedrag is samengesteld uit de onbetaald gebleven factuur, € 5,79 rente en € 44,03 voor buitengerechtelijke incassokosten.
Grovast legt aan haar vordering ten grondslag dat de toenmalige beheerder aangaf dat “tot nader order” geen servicekosten zouden worden doorberekend. Zij wijst erop dat in de bewuste brief uitdrukkelijk is aangegeven dat de servicekosten niet worden afgeschaft en de eigenaar zich het recht voorbehoudt deze kosten op een nader te bepalen tijdstip weer bij de huurders in rekening te brengen.
Gedaagde betwist niet zozeer dat in 1998 een dergelijk voorbehoud is gemaakt, doch hij maakt bezwaar tegen het terugwerkende karakter daarvan.
De beoordeling
Uit de overgelegde brief van ABC Vastgoedbeheer blijkt duidelijk dat de verhuurder de servicekosten “tot nader order” voor haar rekening zou nemen, met de uitdrukkelijke kanttekening dat deze niet zouden worden afgeschaft en de eigenaar zich het recht voorbehoudt om deze kosten op een door haar te bepalen tijdstip weer in rekening te brengen.
De kantonrechter is van oordeel dat, gegeven deze gang van zaken, het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat aan het opnieuw in rekening brengen van servicekosten, zonder enige vooraankondiging, een terugwerkend karakter wordt toegekend.
Het gaat hier om primaire kosten van bestaan waar een huurder, in verband met de budgettering van zijn inkomen, rekening mee moet kunnen houden en waarbij een huurder, zeker ingeval geen voorschotten in rekening worden gebracht, voor enige reservering moet kunnen zorg dragen.
Het vorenstaande leidt er toe dat de vordering van Grovast dient te worden afgewezen (en dat Grovast overeenkomstig de daarvoor geldende regels, al dan niet bij voorschot, weer servicekosten in rekening kan brengen vanaf 1 augustus 2008, zijnde de datum van de mededeling dat op de brief van 23 december1998 werd teruggekomen).
De door Grovast overgelegde stukken leiden tot geen ander oordeel.
Grovast zal als de in het ongelijk gestelde partij worden verwezen in de kosten van het geding.
De beslissing
De kantonrechter:
Wijst de vordering af.
Verwijst Grovast in de proceskosten, die tot heden voor [gedaagde] worden vastgesteld op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.J. van de Sande, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken op 5 oktober 2009.
De griffier, De kantonrechter,