ECLI:NL:RBALK:2009:BK7493
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering Verklaring Omtrent het Gedrag voor trambestuurder wegens onjuiste toepassing screeningsprofiel
Eiser vroeg op 22 augustus 2008 een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aan voor de functie van trambestuurder bij het Gemeentelijk Vervoerbedrijf (GVB) Amsterdam. De minister van Justitie weigerde de afgifte van de VOG op grond van strafbare feiten uit het verleden die volgens hem een risico voor de samenleving vormden bij de uitoefening van deze functie. Eiser was in 1994 veroordeeld voor zedendelicten.
De rechtbank oordeelde dat de minister bij de beoordeling van de aanvraag het screeningsprofiel van taxichauffeur analoog had toegepast zonder voldoende kennis te hebben genomen van de specifieke omstandigheden waaronder een trambestuurder werkt. De rechtbank stelde dat de omstandigheden van een trambestuurder significant verschillen van die van een taxichauffeur of buschauffeur, onder meer vanwege het vaste traject, cameratoezicht en aanwezigheid van een conducteur.
De rechtbank volgde de verwijzing van de minister naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak niet, omdat die betrekking had op de vergelijking tussen taxichauffeur en buschauffeur, niet op trambestuurder. De rechtbank stelde vast dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom het taxichauffeursprofiel op eiser van toepassing was en dat daarom het besluit tot weigering van de VOG niet zorgvuldig was genomen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de minister een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de VOG wordt vernietigd.