ECLI:NL:RBALK:2009:BK8153
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde bedrijfspand en toetsing vergelijkingsmethode
Eiser betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn bedrijfspand aan de hand van de huurwaardekapitalisatiemethode en stelt dat de waardebepaling niet voldoet aan de wettelijke eisen. De rechtbank constateert dat de onderbouwing van de WOZ-waarde in het taxatieverslag en de uitspraak op bezwaar onvoldoende inzicht geeft in de gebruikte methodiek, waardoor de uitspraak op bezwaar niet deugdelijk is gemotiveerd en onzorgvuldig is voorbereid.
De rechtbank beoordeelt vervolgens of de vastgestelde WOZ-waarde te hoog is. Hierbij wordt de vergelijkingsmethode toegepast waarbij verkoopprijzen van twee vergelijkbare bedrijfspanden worden betrokken. Ondanks verschillen in oppervlakte, kantoorruimte en locatie, acht de rechtbank de vastgestelde WOZ-waarde van € 173.000,00 niet te hoog in vergelijking met de verkoopprijzen van de referentieobjecten.
De rechtbank wijst het beroep toe door de uitspraak op bezwaar te vernietigen, maar bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven. Verweerder hoeft niet opnieuw te beslissen op het bezwaar. Tevens wordt verweerder veroordeeld het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden. De rechtbank wijst het beroep toe vanwege onvoldoende motivering, maar bevestigt de waarde zelf op basis van de vergelijkingsmethode.
Uitkomst: De uitspraak op bezwaar wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de vastgestelde WOZ-waarde wordt niet te hoog geacht en de rechtsgevolgen blijven in stand.