ECLI:NL:RBALK:2009:BM0529

Rechtbank Alkmaar

Datum uitspraak
9 november 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
310830 \ OA VERZ 09-271
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • P.G. Vroom
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:647 BWArt. 7:648 BWArt. 7:670 lid 1 BWArt. 7:670a BWArt. 7:685 lid 9 BW
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens vermeende fraude urenregistratie

De werknemer is sinds 25 september 2003 in dienst als chauffeur/medewerker bij de werkgever en is sinds 11 juni 2009 arbeidsongeschikt. Werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens vermeende fraude door onjuiste registratie van gewerkte uren, waarbij een verrijking van 400 uur wordt gesteld. De werknemer ontkent dit en vordert afwijzing van het verzoek of subsidiair een ontbindingsvergoeding.

De kantonrechter overweegt dat het verzoek niet onder het opzegverbod tijdens ziekte valt, omdat het gebaseerd is op fraude. Ter zitting wordt duidelijk dat het vertrouwen tussen partijen is verdwenen en normalisatie van de arbeidsrelatie niet mogelijk is, waardoor ontbinding per 1 december 2009 wordt uitgesproken.

De kantonrechter stelt dat de enkele discrepanties tussen tachograafgegevens en dagstaten onvoldoende bewijs vormen voor fraude. De arbeidsrelatie is verstoord door de aantijgingen, wat aan de werkgever te wijten is. Gezien alle omstandigheden, waaronder de duur van het dienstverband, leeftijd en salaris, wordt een billijke ontbindingsvergoeding van € 20.000 bruto toegekend.

De werkgever krijgt de mogelijkheid het verzoek tot 30 november 2009 in te trekken, bij intrekking draagt zij de proceskosten van de werknemer. Indien niet ingetrokken, wordt de arbeidsovereenkomst ontbonden en de vergoeding toegekend. Beide partijen dragen eigen kosten.

Uitkomst: Arbeidsovereenkomst ontbonden per 1 december 2009 met een bruto vergoeding van € 20.000 aan werknemer.

Uitspraak

RECHTBANK ALKMAAR
Sector Kanton
Locatie Alkmaar
Zaaknr/repnr.: 310830 \ OA VERZ 09-271 (P.A.)
Uitspraakdatum: 17 november 2009
Beschikking in de zaak van:
de besloten vennootschap [naam], gevestigd te Dirkshorn, gemeente Harenkarspel
verzoekende partij
verder ook te noemen: [werkgever]
gemachtigde: mr. J. Peute, werkzaam ten kantore van de Stichting Achmea Rechtsbijstand te Tilburg
tegen
[naam], wonende te [adres]
verwerende partij
verder ook te noemen: [werknemer]
gemachtigde: mr. M.J. Dekker, advocaat te Alkmaar.
Het procesverloop
[werkgever] heeft op 2 oktober 2009 een verzoekschrift ingediend.
Daar heeft [werknemer] bij verweerschrift op gereageerd.
Met het oog op de te houden terechtzitting heeft [werkgever] nog een aantal producties overgelegd.
De mondelinge behandeling heeft in deze plaatsgevonden op 3 november, alwaar zijn verschenen [werkgever] bij [.......] en partij [werknemer] in persoon; partijen werden bijgestaan door hun gemachtigden.
Ter zitting hebben partijen hun verzoek- respectievelijk verweerschrift nader toegelicht aan de hand van pleitnotities.
De inhoud van deze processtukken geldt als hier ingelast.
Vervolgens is heden uitspraak bepaald.
De uitgangspunten
1.[werknemer], geboren op [datum], is met ingang van 25 september 2003 in dienst getreden bij [werkgever] in de functie van chauffeur/medewerker, laatstelijk tegen een salaris van € 2.100,-- bruto per maand exclusief vakantiegeld.
2.Sedert 11 juni 2009 heeft [werknemer] als gevolg van ziekte voor [werkgever] geen werkzaamheden meer verricht.
Het geschil
3.[werkgever] verzoekt de arbeidsovereenkomst met [werknemer] te ontbinden tegen de vroegst mogelijke datum wegens gewichtige redenen, primair op grond van een dringende reden, subsidiair op grond van veranderingen in de omstandigheden, kosten rechtens.
4.Aan dit verzoek legt [werkgever], zakelijk samengevat, ten grondslag dat het registreren van het aantal gewerkte uren door [werknemer] op een onjuiste manier gebeurt. Een controle van deze onjuistheden heeft tot de conclusie geleid dat [werknemer] zich van de 1200 uren, in totaal 400 uur ten opzichte van [werkgever] heeft verrijkt. Dit handelen komt overeen met fraude. Na gewaarschuwd te zijn, heeft [werknemer] zijn gedrag onveranderd voortgezet en is hij in zijn eigen voordeel blijven registreren. Op grond van het vorenstaande is [werkgever] van mening dat van haar niet langer gevergd kan worden het dienstverband met [werknemer] voort te zetten.
5.Het verweer van [werknemer] strekt primair tot afwijzing van het verzoek en subsidiair tot toekenning van een ontbindingsvergoeding ad € 29.888,52 bruto. Voor zover voor de beoordeling van belang zal op dat verweer hieronder nader worden ingegaan.
De beoordeling
6.De kantonrechter overweegt in de eerste plaats dat [werknemer] per 11 juni 2009 arbeidsongeschikt is, zodat een verbod tot opzegging zou kunnen gelden. Echter, gebleken is dat het verzoek tot ontbinding gegrond is op de omstandigheid dat fraude in de urenregistratie wordt gepleegd, zodat het opzegverbod tijdens ziekte ex artikel 7:670 lid 1 BW Pro niet geldt. Evenmin houdt het ontbindingsverzoek verband met een opzegverbod als bedoeld in de artikelen 7:647, 7:648 en 7:670a van het BW of enig ander verbod tot opzegging van de arbeidsovereenkomst.
7.Ter zitting heeft [werknemer] aangegeven niet meer terug te kunnen c.q. willen keren naar [werkgever]. Nu partijen over en weer geen vertrouwen meer in elkaar hebben en elk perspectief op normalisatie van de arbeidsverhouding tussen partijen definitief is komen te ontbreken is de kantonrechter van oordeel, dat in casu sprake is van gewichtige redenen, meer in het bijzonder van veranderingen in de omstandigheden, die van dien aard zijn dat de arbeidsovereenkomst per 1 december 2009 zal worden ontbonden.
8.Vervolgens is aan de orde de beantwoording van de vraag of en zo ja welke vergoeding aan [werknemer] valt toe te kennen.
9.De kantonrechter stelt voorop dat een procedure als onderhavige zich naar zijn aard niet leent voor een onderzoek naar de vraag of – zoals door [werkgever] gesteld en door [werknemer] betwist – [werknemer] zich schuldig heeft gemaakt aan fraude c.q. diefstal.
10.[werkgever] trachtte aan de hand van de overgelegde administratie te laten zien dat er door [werknemer] fraude was gepleegd. [werkgever] baseert dat op discrepanties tussen de tijden van de tachograafschijven en de dagstaten zoals door [werknemer] ingevuld. Overwogen wordt echter dat de tachograaf de tijd aangeeft dat de auto gebruikt wordt als zodanig en de dagstaat aangeeft wanneer de werktijd van [werknemer] begint en eindigt. De enkele discrepantie tussen de tijden van de tachograafschijf en de dagstaten kunnen op zich dus niet zonder meer de conclusie rechtvaardigen dat [werknemer] heeft gefraudeerd.
11.Voorshands heeft de kantonrechter aldus bezien onvoldoende duidelijkheid kunnen krijgen over de vraag hoe terecht de verwijten aan het adres van [werknemer] zijn. Door de aantijgingen van [werkgever] is de arbeidsrelatie verstoord, hetgeen bij deze stand van zaken volledig aan [werkgever] te wijten is.
12.Gelet op het vorenstaande en met het oog op alle (overige) omstandigheden van het geval, waaronder gemelde duur van de arbeidsovereenkomst, de leeftijd en het salaris van [werknemer], komt de kantonrechter een ontbindingsvergoeding van € 20.000,-- bruto ten laste van [werkgever] billijk voor.
13.Op de voet van artikel 7:685 lid 9 BW Pro worden partijen van de voorgenomen beslissing in kennis gesteld en is [werkgever] bevoegd het verzoek binnen hierna te noemen termijn in te trekken.
14.Er zijn termen aanwezig de proceskosten tussen partijen te compenseren. Ingeval [werkgever] evenwel haar verzoek intrekt, zal zij de proceskosten van [werknemer] dienen te dragen.
De beslissing
De kantonrechter:
Bepaalt dat de termijn, waarbinnen [werkgever] haar verzoek zal kunnen intrekken [i.c. door middel van een schriftelijke mededeling (eventueel bij faxbericht) aan de griffier en in afschrift aan de (gemachtigde van de) wederpartij], zal lopen tot en met 30 november 2009.
Voor het geval [werkgever] haar verzoek niet binnen die termijn zal hebben ingetrokken:
Ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 december 2009.
Kent aan [werknemer] ten laste van [werkgever] een vergoeding toe van € 20.000,-- bruto.
Bepaalt dat beide partijen de eigen kosten dragen.
Wijst het meer of anders verzochte af.
Voor het geval [werkgever] haar verzoek binnen die termijn zal hebben ingetrokken:
Veroordeelt [werkgever] in de proceskosten, die aan de zijde van [werknemer] worden vastgesteld op € 400,-- voor salaris gemachtigde, waarover [werkgever] geen BTW verschuldigd is.
Deze beschikking is gegeven door mr. P.G. Vroom kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op 17 november 2009 in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter