ECLI:NL:RBALK:2010:BL5587
Rechtbank Alkmaar
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen eisers inzake vermeende faillissementsfraude bloembollen
Eisers stelden dat er sprake was van (faillissements)fraude met betrekking tot bloembollen en vorderden onder meer dat de Rabobank en de curator aangifte zouden doen en onderzoekskosten zouden terugbetalen. De vennootschap onder firma en betrokken besloten vennootschappen waren failliet verklaard, waarbij de Rabobank een pandrecht had uitgeoefend op de bollenkraam.
Een gezamenlijk onderzoek door een bloembollenexpert en een accountant concludeerde dat er geen fraude had plaatsgevonden bij het uitwinnen van het pandrecht, hoewel een deel van de bollenkraam was verdwenen. Eisers voerden tegenonderzoek uit dat aanwijzingen gaf voor verduistering, maar deze werden door Rabobank en curator niet onderschreven. Eisers hadden zelf ook aangifte gedaan, maar het Openbaar Ministerie startte geen strafrechtelijk onderzoek.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er onvoldoende spoedeisend belang was om de Rabobank en curator te verplichten tot het doen van aangifte of tot terugbetaling van onderzoekskosten. Ook de vordering tot het ter beschikking stellen van aanvullende stukken werd afgewezen omdat de overeenkomst uit 2007 was uitgewerkt en er geen bewijs was dat relevante documenten werden achtergehouden.
De voorzieningenrechter wees alle vorderingen af en veroordeelde eisers in de proceskosten. Eisers kunnen tegen dit vonnis hoger beroep instellen bij het Gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst alle vorderingen van eisers af en veroordeelt hen in de proceskosten.