ECLI:NL:RBALK:2010:BL6505
Rechtbank Alkmaar
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Bestuur woningbouwvereniging onterecht geschorst door raad van toezicht
In deze zaak staat het geschil tussen het bestuur en de raad van toezicht van woningbouwvereniging Beter Wonen centraal. De raad van toezicht had besloten tot schorsing van het gehele bestuur vanwege integriteitsvragen naar aanleiding van een onderzoeksrapport. Het bestuur stelde dat de schorsing onrechtmatig was omdat de procedure niet correct was gevolgd en de gronden onvoldoende waren onderbouwd.
De voorzieningenrechter overwoog dat het bestuur niet voldoende gelegenheid had gekregen om te reageren op het voorgenomen schorsingsbesluit, hetgeen een schending van de hoorplicht inhoudt. Materieel werd geoordeeld dat de raad van toezicht zich te veel liet leiden door het onderzoeksrapport en de opvattingen van het ministerie van VROM/WWI zonder zelf een voldoende eigen oordeel te vormen. Bovendien was het schorsingsbesluit niet proportioneel en was er onvoldoende reden om het gehele bestuur te schorsen.
De voorzieningenrechter verbood de raad van toezicht om de schorsing verder te effectueren en wees de vordering van de raad om het bestuur te dwingen de schorsing te accepteren af. Tevens werd de raad veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige procedure en een evenwichtige belangenafweging bij ingrijpende bestuursmaatregelen binnen woningbouwverenigingen.
Uitkomst: De rechtbank verbiedt de raad van toezicht om de schorsing van het bestuur verder te effectueren en veroordeelt de raad in de proceskosten.