ECLI:NL:RBALK:2010:BO8418
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.E.C. de Wit
- Y.M.I. Greuter-Vreeburg
- G.W.A. Lamsvelt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot tenuitvoerlegging lijfsdwang wegens onvermogen tot betaling ontnemingsvordering
De rechtbank Alkmaar behandelde op 25 augustus 2010 de vordering van de officier van justitie tot verlof voor tenuitvoerlegging van lijfsdwang jegens de veroordeelde, die een ontnemingsverplichting van € 14.337,33 aan de staat niet heeft voldaan.
Veroordeelde is gedetineerd en heeft slechts een zeer beperkt inkomen. Hij heeft meerdere afbetalingsvoorstellen gedaan, die door het CJIB zijn afgewezen vanwege het ontbreken van concrete betalingsvoorstellen en onduidelijkheid over de besteding van het wederrechtelijk verkregen voordeel. De rechtbank constateert dat veroordeelde thans en in de nabije toekomst onvoldoende middelen heeft om aan de betalingsverplichting te voldoen.
Op grond van artikel 577c lid 4 Sv kan de vordering tot tenuitvoerlegging van lijfsdwang niet worden toegewezen indien aannemelijk is dat de veroordeelde niet kan betalen. Gezien de omstandigheden wijst de rechtbank de vordering af en acht het prematuur om lijfsdwang toe te passen.
De rechtbank benadrukt dat de veroordeelde eerst in 2014 in aanmerking komt voor voorwaardelijke invrijheidstelling, waardoor zijn financiële situatie voorlopig niet zal verbeteren. De afwijzing van de vordering betekent dat de tenuitvoerlegging van lijfsdwang niet zal plaatsvinden zolang de betalingsonmacht voortduurt.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot tenuitvoerlegging van lijfsdwang af wegens het onvermogen van veroordeelde om te betalen.