ECLI:NL:RBALK:2010:BP3113
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling kinderalimentatie na beëindiging samenwoning en draagkrachtberekening
De vrouw verzoekt de rechtbank om vaststelling van kinderalimentatie voor hun minderjarige kind, met ingang van 1 juni 2009, op basis van haar behoefte en de draagkracht van de man. De man betwist de samenwoning ten tijde van de geboorte en stelt dat de behoefte niet op gezamenlijk inkomen moet worden gebaseerd. De rechtbank oordeelt echter dat partijen gedurende enige tijd samenwoonden en dat het gezamenlijke netto besteedbaar inkomen bepalend is voor de behoefte van het kind.
De rechtbank vermindert het gezamenlijke inkomen met de woonlasten van de man voor zijn eigen woning, waardoor het netto besteedbaar gezinsinkomen wordt vastgesteld. Op basis van de tabel 'Eigen aandeel kosten van kinderen' wordt de behoefte van het kind vastgesteld. Vervolgens wordt de draagkracht van beide partijen berekend, waarbij rekening wordt gehouden met diverse lasten zoals hypotheekrente, zorgkosten en schulden.
De rechtbank stelt vast dat de man vanaf 23 oktober 2009 een bijdrage van €407 per maand moet betalen, en vanaf 1 mei 2010 een bedrag van €319 per maand, passend bij de gewijzigde draagkracht van de vrouw. De ingangsdatum wordt op de datum van het verzoek gesteld, omdat de man pas toen redelijkerwijs rekening kon houden met een wijziging. Een kostenveroordeling wordt niet uitgesproken.
De zaak bevat uitgebreide financiële analyse van de inkomens en lasten van beide partijen, waarbij ook rekening wordt gehouden met fiscale aspecten, verzekeringen en schulden. De rechtbank acht de vastgestelde bedragen redelijk en billijk en in overeenstemming met de wettelijke maatstaven.
Uitkomst: Man moet vanaf 23 oktober 2009 €407 per maand en vanaf 1 mei 2010 €319 per maand kinderalimentatie betalen.