ECLI:NL:RBALK:2010:BP3318
Rechtbank Alkmaar
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verlof tot tenuitvoerlegging alimentatiebeschikking bij lijfsdwang
Partijen waren gehuwd en het huwelijk is in januari 2008 ontbonden. In het echtscheidingsconvenant is vastgelegd dat de man alimentatie betaalt aan de vrouw, met een huidige wettelijke indexering van €1.700,64 per maand. De man heeft een aanzienlijke betalingsachterstand opgebouwd van €20.454,40, waarvan de laatste betaling dateert uit juni 2010. Verhaalsonderzoek wees uit dat er geen vermogensbestanddelen op naam van de man zijn waarop de vrouw haar vordering kan verhalen.
De vrouw vordert in kort geding verlof om de alimentatiebeschikking bij lijfsdwang ten uitvoer te leggen. De man voert verweer met een beroep op ernstige gezondheidsklachten en beperkte verdiencapaciteit, maar onderbouwt dit niet met stukken en heeft geen verzoek tot wijziging van de alimentatie ingediend. De voorzieningenrechter acht onvoldoende aannemelijk dat de man niet in staat is te betalen.
Gezien het gebrek aan verhaalsmogelijkheden en de financiële nood van de vrouw, die inmiddels bijstand ontvangt en haar bezittingen heeft verkocht, wordt het belang van de vrouw om lijfsdwang toe te passen als gerechtvaardigd beoordeeld. De rechter stelt een termijn van een maand na betekening in voordat gijzeling kan plaatsvinden, met een maximale duur van dertig dagen. De man wordt veroordeeld in de proceskosten en het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Verlof verleend om alimentatiebeschikking bij lijfsdwang ten uitvoer te leggen met voorwaarden voor gijzeling.