ECLI:NL:RBALK:2011:BP3463
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Blokland
- B. Liefting-Voogd
- G.E. Creijghton-Sluijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing instellingssubsidies voor high-care hospices wegens onredelijke toepassing regeling
Twee high-care hospices vroegen instellingssubsidies aan voor 2008 op grond van de Regeling palliatieve terminale zorg, maar deze werden afgewezen omdat zij organisatorisch verband houden met een toelating als bedoeld in de Wet toelating zorginstellingen (Wtzi). De hospices stelden dat de hardheidsclausule toegepast had moeten worden, met name voor huisvestings- en coördinatiekosten van vrijwilligers.
De rechtbank oordeelde dat er geen ongerechtvaardigd onderscheid was voor de coördinatiekosten, omdat deze kosten volgens verweerder al in de AWBZ-vergoedingen waren verwerkt. Voor de huisvestingskosten stelde de rechtbank echter vast dat de hospices financieel slechter af zijn dan hospices zonder Wtzi-toelating die wel subsidie ontvangen. Verweerder had onvoldoende gemotiveerd waarom de hardheidsclausule niet toegepast zou moeten worden.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de bestreden besluiten en droeg verweerder op nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Alkmaar op 13 januari 2011.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de instellingssubsidies en beveelt nieuwe besluiten met toepassing van de hardheidsclausule.