ECLI:NL:RBALK:2011:BR2958
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging erkenning minderjarige door wettelijk vertegenwoordiger
De zaak betreft de vraag wie namens een minderjarig kind een verzoek tot vernietiging van een erkenning kan indienen: de met gezag belaste moeder als wettelijk vertegenwoordigster of een bijzondere curator. De moeder had een verzoek ingediend tot vernietiging van de erkenning van haar dochter door een man die niet de biologische vader is.
De rechtbank overwoog dat artikel 1:212 BW Pro bepaalt dat in afstammingszaken een bijzondere curator wordt benoemd om de belangen van het kind te behartigen, maar dat dit niet betekent dat alleen de bijzondere curator een verzoek tot vernietiging kan indienen. De moeder kan dit verzoek in haar hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordigster indienen.
De bijzondere curator ondersteunde het verzoek en stelde dat het in het belang van het kind is om de juridische situatie in overeenstemming te brengen met de biologische realiteit. De rechtbank vernietigde de erkenning en wees het verzoek toe, waarbij de achternaam van het kind gewijzigd kan worden.
De moeder had het verzoek tot benoeming van een bijzondere curator ingetrokken, en het voorwaardelijke verzoek van de bijzondere curator tot vernietiging behoefde daarom geen verdere bespreking. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden in hoger beroep worden aangevochten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de erkenning van de man en wijst het verzoek van de moeder als wettelijk vertegenwoordigster toe.