ECLI:NL:RBALK:2011:BU5179
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing boetenvordering wegens onvoldoende bewijs overtreding leerovereenkomst en arbeidsovereenkomst
Eiser vordert € 370.000 aan boeten wegens vermeende overtredingen van relatie-, concurrentie- en geheimhoudingsbedingen uit een leerovereenkomst en arbeidsovereenkomst door gedaagde. Gedaagde betwist de vordering en stelt onder meer dat de kantonrechter niet bevoegd is en dat de bedingen onduidelijk en niet overtreden zijn.
De kantonrechter oordeelt dat de kantonrechter wel bevoegd is omdat de vordering deels voortvloeit uit de arbeidsovereenkomst. De arbeidsovereenkomst is niet schriftelijk vastgelegd, waardoor boeten op die grond niet toewijsbaar zijn. De bedingen in de leerovereenkomst zijn geldig, ondanks onduidelijkheden die voor rekening van eiser komen. Eiser heeft onvoldoende concreet en specifiek bewijs geleverd waar, wanneer en hoe de overtredingen zijn begaan, waardoor de boetenvordering wordt afgewezen.
De gevorderde afgifte van lesmaterialen en lesgelden wordt eveneens afgewezen wegens onvoldoende bewijs en verrekening. De loonvorderingen van gedaagde worden deels toegewezen, met een beperkte wettelijke verhoging. Proceskosten worden aan eiser opgelegd. Het vonnis is gewezen door kantonrechter J.H. Gisolf.
Uitkomst: De boetenvordering wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs, loonvordering van gedaagde deels toegewezen.