ECLI:NL:RBALK:2012:BX8124
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Gynaecoloog veroordeeld voor dood door schuld baby en zware mishandeling moeder door nalatigheid
Op 5 mei 2009 was verdachte als dienstdoende gynaecoloog verantwoordelijk voor de medische behandeling van patiënte V. R.-S. en haar ongeboren dochter B. R. Tijdens de bevalling in het Westfriesgasthuis werden ernstige fouten gemaakt, waaronder onvoldoende communicatie met patiënte en haar echtgenoot, onvoldoende toetsing en aanpassing van het behandelbeleid, nalatigheid bij het monitoren van de toestand en het te laat uitvoeren van een spoedkeizersnede.
De rechtbank stelde vast dat verdachte onvoldoende overleg voerde met patiënte en haar echtgenoot over het behandelbeleid, onvoldoende rekening hield met de risico's van de bevalling en onvoldoende instructies gaf aan het verloskundig en verpleegkundig personeel. Verdachte ging bovendien naar huis terwijl de bevalling onvoldoende vorderde en hij niet kon beschikken over actuele CTG-gegevens. Deze nalatigheden leidden tot een uterusruptuur bij patiënte en ernstige hersenbeschadiging bij baby B., die enkele dagen later overleed.
Hoewel verdachte ernstig tekortgeschoten is, kon de rechtbank niet bewijzen dat hij opzettelijk handelde bij het in hulpeloze toestand achterlaten van patiënte en haar ongeboren kind, waardoor hij op dit punt werd vrijgesproken. De rechtbank veroordeelde verdachte tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand met een proeftijd van twee jaar en legde een ontzetting uit het beroep van gynaecoloog voor één jaar op, eveneens voorwaardelijk. Tevens werd een bijzondere voorwaarde gesteld tot een symbolische geldstorting aan een stichting ter nagedachtenis aan overleden kinderen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand en ontzetting uit het beroep van gynaecoloog voor één jaar wegens nalatigheid die leidde tot de dood van de baby en zware mishandeling van de moeder.