ECLI:NL:RBALK:2012:BY6992
Rechtbank Alkmaar
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek maritaal beslag wegens schending artikel 21 Rv
Op 19 december 2012 diende verzoeker een verzoekschrift in bij de voorzieningenrechter van de Rechtbank Alkmaar tot het leggen van maritaal beslag op de voormalige echtelijke woning. Verzoeker stelde dat de gerekwestreerde de woning zonder zijn toestemming had verkocht voor een prijs aanzienlijk onder de werkelijke waarde, waardoor een restschuld van €100.000 zou overblijven. Tevens had verzoeker de vernietiging of nietigheid van de koopovereenkomst ingeroepen.
De voorzieningenrechter was ambtshalve bekend met een eerder vonnis van 13 december 2012, waarin aan de gerekwestreerde machtiging was verleend om de woning te verkopen. In die procedure had verzoeker verweer gevoerd, waaronder het noemen van de restschuld. Dit verweer was meegewogen, maar toch was de machtiging verleend omdat het bod serieus en realistisch was en het niet van de gerekwestreerde kon worden verlangd in onverdeeldheid te blijven.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het betoog van verzoeker onjuist was en dat hij in de eerdere procedure in het ongelijk was gesteld. Verzoeker had de rechter bewust onjuist en onvolledig geïnformeerd, hetgeen in strijd is met artikel 21 Rv Pro. Daarom werd het verzoek tot beslaglegging afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot het leggen van maritaal beslag op de voormalige echtelijke woning wordt afgewezen wegens schending van artikel 21 Rv.