Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBALM:1999:AA3942

Rechtbank Almelo

Datum uitspraak
15 december 1999
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
33051 FT RK 99-342
Instantie
Rechtbank Almelo
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • Van der Winkel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 193 FaillissementswetArt. 206 FaillissementswetArt. 207 FaillissementswetArt. 208 FaillissementswetArt. 209 Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toekenning van rehabilitatie na beëindiging faillissement

Op 22 juli 1999 heeft de procureur namens verzoeker een verzoek tot rehabilitatie ingediend bij de rechtbank Almelo. Verzoeker was op eigen aangifte op 19 augustus 1992 in staat van faillissement verklaard, geregistreerd onder nummer F/140/1992. Het faillissement eindigde op 11 augustus 1998 door het verbindend worden van de enige uitdelingslijst, waarbij alle erkende en geverifieerde schulden volledig en tot tevredenheid van de schuldeisers zijn voldaan.

Het verzoek tot rehabilitatie is gepubliceerd conform artikel 208 van Pro de Faillissementswet in De Twentsche Courant Tubantia en de Staatscourant op 26 augustus 1999, waardoor schuldeisers de gelegenheid kregen om bezwaar te maken. Er is geen bezwaar ingediend. Tijdens de raadkamerzitting op 15 december 1999 werd verzoeker gehoord, bijgestaan door zijn echtgenote en advocaat, evenals de officier van justitie.

De rechtbank oordeelde dat aan de wettelijke vereisten voor rehabilitatie was voldaan en verleende het verzoek. Hiermee wordt de civiele status van verzoeker hersteld na het faillissement, conform de artikelen 193, 206, 207, 208, 209 en 210 van de Faillissementswet en artikel 324 lid 2 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

Uitkomst: Rehabilitatie aan verzoeker verleend na volledige voldoening aan schuldeisers en geen bezwaar.

Uitspraak

ARRONDISSEMENTSRECHTBANK TE ALMELO
Rekestnummer: 33051 FT RK 99.342
VONNIS TOT REHABILITATIE
Bij deze rechtbank is op 22 juli 1999 door de procureur mr G.J.J.M.A. Dijkman-Thoen namens
[Verzoeker], geboren op [geboortedatum verzoeker], wonende te [woonadres verzoeker], een verzoekschrift ingediend dat strekt tot het verlenen van rehabilitatie aan [Verzoeker] voornoemd;
Het verzoek is in raadkamer behandeld op woensdag 15 december 1999 alwaar zijn gehoord:
a de [Verzoeker], vergezeld door zijn echtgenote en bijgestaan door mr B.A.M. Oude Breuil namens mr G.J.J.M.A. Dijkman-Thoen voornoemd,
b mr H. Bloebaum, officier van Justitie.
De Officier van Justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van het verzoek tot rehabilitatie van [Verzoeker], voornoemd;
De rechtbank is van oordeel dat is voldaan aan de vereisten voor rehabilitatie zodat het verzoek zal worden toegewezen.
[Verzoeker] is, op eigen aangifte, bij vonnis van deze -rechtbank d.d. 19 augustus 1992 in staat van faillissement is verklaard. Dat faillissement is in het faillissementsregister van de rechtbank te Almelo ingeschreven onder nummer F/140/1992. Het faillissement is op 11 augustus 1998 geëindigd wegens het verbindend worden van de enige uitdelingslijst. Alle erkende en geverifieerde vorderingen zijn daarbij volledig (!) en tot tevredenheid van de erkende schuldeisers voldaan;
Het verzoek strekkende tot het verlenen van rehabilitatie is conform artikel 208 van Pro de Faillissementswet gepubliceerd in De Twentsche Courant TUBANTIA van 26 augustus 1999 en in Staatscourant nummer 163 van 26 augustus 1999. Door deze publicaties zijn de erkende schuldeisers in de gelegenheid gesteld om binnen twee maanden na deze publicaties verzet aan te tekenen tegen het verzoek tot het verlenen van rehabilitatie. Ter griffie is geen bezwaar tegen het onderhavige verzoek ingekomen.
Gelet op de artikelen 193, 206, 207, 208, 209 en 210 van de Faillissementswet en 324 lid 2 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering;
RECHTDOENDE:
Verleent rehabilitatie aan [Verzoeker], geboren op [geboortedatum verzoeker], wonende te [woonadres verzoeker].
Aldus gewezen op woensdag 15 december 1999 door mr Van der Winkel, lid van voormelde enkelvoudige kamer, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 15 december 1999 door mr Van der Winkel, voornoemd, in tegenwoordigheid van Cassese, griffier.